Maatregelen tegen bodemdaling

Rivierbodemdaling is een groot probleem in het Nederlandse rivierengebied. Het zorgt voor problemen voor de scheepvaart, landbouw, natuur, funderingen en de verdeling van zoetwater over Nederland. Het kabinet heeft op 10 juli 2026 een besluit genomen over maatregelen om de rivierbodem te herstellen en stabiliseren. Deze maatregelen stabiliseren de rivierbodem op de korte termijn en grijpen structureel in om ook op de lange termijn rivierbodemdaling te stoppen.

Voor welke maatregelen is gekozen?

De problemen met de rivierbodem verschillen per rivier, de Maas en de Rijntakken vragen daarom om eigen oplossingen. 

Om de rivierbodem van de Maas te stabiliseren, wordt gestart met suppleren op de Gemeenschappelijke Maas. Bij suppleren wordt er grind en zand (sediment) toegevoegd aan de rivierbodem. Er volgt nog verder onderzoek naar structurele oplossingen voor erosiekuilen en de ontwikkelingen van de rivier op de lange termijn.

Voor de Rijntakkken gaat het om een combinatie van een meergeulensysteem en suppleren op de Waal. Deze maatregelen zijn bedoeld voor het traject van de Pannerdensche Kop tot Zaltbommel. Later volgen mogelijk nog andere maatregelen op het Pannerdensch Kanaal en de Boven-IJssel.

Lees een uitgebreide toelichting op het kabinetsbesluit in het nieuwsbericht. Onder het kopje ‘Meer over dit onderwerp’ hieronder staan alle artikelen die we over dit onderwerp hebben gepubliceerd. Hierin geven we antwoord op veelgestelde vragen, leggen we uit wat suppleren is, wat een meergeulensysteem inhoudt en duiken we in de oorzaken en gevolgen van rivierbodemdaling.