De besluiten worden door het kabinet in 2026 genomen na onafhankelijk onderzoek door inhoudelijke experts en na advies van de stuurgroep van Ruimte voor de Rivier 2.0. Op deze pagina lichten we deze stappen en de planning toe.

1. Onafhankelijk onderzoek

Om de beleidskeuzes te onderbouwen zijn er verschillende onderzoeken gedaan door onafhankelijke, inhoudelijke experts. Zij onderzochten mogelijke maatregelen om de bodemligging aan te pakken en keken naar de afvoerverdeling bij hoog- en laagwater. Daarnaast is door een onafhankelijk consortium van partijen onderzoek gedaan naar ruimte die de rivieren in de toekomst nodig hebben om water veilig af te blijven voeren. De onderzoeken vormen de basis van het besluit hierover, maar bij het uiteindelijke besluit hierover spelen natuurlijk ook andere afwegingen, zoals financierbaarheid. Overheden en andere partijen die nauw betrokken zijn bij het programma, hebben inzicht gekregen in de onderzoeksresultaten. Als de besluiten door het kabinet zijn genomen, komen de onderzoeken beschikbaar.

2. Advies van de stuurgroep

Het programmateam van Ruimte voor de Rivier 2.0 coördineert de onderzoeken en verzamelt informatie om goed onderbouwde beleidskeuzes te maken. De stuurgroep Ruimte voor de Rivier 2.0 adviseert vervolgens het kabinet over de te nemen besluiten. In de stuurgroep zitten bestuurders van het Rijk en regionale overheden. Op basis van onderzoeksresultaten, effectbeoordelingen en omgevingsinformatie doen zij een voorstel voor de twee besluiten. Daarna bespreken en bekrachtigen het Bestuurlijk Overleg Water en het Bestuurlijk Overleg Ruimte voor de Rivier 2.0 de adviezen.

3. Planning voor 2026

Beide besluiten worden in 2026 door het kabinet genomen. Het besluit over de rivierbodem is op 10 juli door het kabinet genomen. Lees meer over dit besluit. Het besluit over hoeveel ruimte er gereserveerd moet worden voor de rivier verwachten we medio december 2026. Pas na besluitvorming in de ministerraad, zijn de besluiten formeel genomen en is het beleid vastgesteld.

4. Zienswijze indienen

De besluiten worden vervolgens vastgelegd in het Ontwerp Nationaal Waterprogramma (NWP) 2028-2033. Vanaf januari 2027 ligt het Ontwerpprogramma zes maanden ter inzage. Iedereen kan dan reageren door een zogenaamde zienswijze in te dienen (lees over de betekenis van een zienswijze). Het NWP 2028-2033 wordt eind 2027 definitief vastgesteld en gaat per 1 januari 2028 in.