Spring direct naar de hoofdnavigatie, de zoekfunctie of de inhoud
Leestijd: 12 minuten

Rivierverruiming – ingrepen in het leven van mensen;
'We laten heel veel achter'

FOTOCREDITS
Ruimte voor de Rivier

Koeien grazen in het voor hen bekende weiland. Op de achtergrond zijn de werkzaamheden in volle gang.

Het programma Ruimte voor de Rivier omvat 34 projecten die het rivierengebied beter beschermen tegen overstromingen. Het creëren van meer ruimte voor het water levert een belangrijke bijdrage aan de veiligheid van vier miljoen mensen die in het rivierengebied wonen en werken. Tegelijkertijd betaalt een deel van de mensen die in een projectgebied wonen en/of werken hiervoor een prijs. Door het karakter van de maatregelen, zoals ontpoldering, of het (landinwaarts) verleggen van dijken, kunnen de gevolgen voor de omgeving zeer ingrijpend zijn. Wat brengt Ruimte voor de Rivier teweeg in het leven van mensen?

Vorig jaar zomer werd de nieuwe terp van de familie Wijers in de Voorsterklei opgeleverd. Zij moeten wijken voor rivierverruiming en de nieuwe terp markeert voor hen en hun boerenbedrijf een nieuw toekomstperspectief. Het betekende ook het einde van een langdurige periode van onzekerheid over hun toekomst. Nu, een jaar later, heeft de familie de handen vol aan het opstarten van het nieuwe bedrijf.
Iets zuidelijker langs de IJssel – bij Cortenoever – is ook Jeroen Beker druk in de weer met het nieuwe bedrijf van zijn familie. Ook zij gaan de toekomst vanwege rivierverruiming op een andere locatie tegemoet. “In november gaan we verhuizen. Er wordt nu druk gebouwd op de nieuwe locatie. Van de koeienstal staan de spanten er. De jongveestal volgt op korte termijn. Het begint nu echt vorm te krijgen.”

Jeroen Beker, agrariër Cortenoever

Elk dossier vertelt een verhaal van mensen

Alleen al de ruimtelijke maatregelen in het kader van Ruimte voor de Rivier – dus nog zonder de gevolgen van dijkverbeteringen – ‘raken’ circa 120 woningen en 60 bedrijven. In totaal gaat het om zo’n 58 dossiers waarin ‘schade’ een rol speelt. Zo kan de impact van het programma op administratieve wijze samengevat worden. Maar in die woningen en bedrijven leven en werken mensen. Achter elk dossier gaan gezichten schuil; elk dossier vertelt een verhaal van mensen. Elke woning die wordt verwijderd of bedrijf dat moet worden gestaakt heeft een emotionele impact; de maatregelen dwingen mensen afscheid te nemen van hun thuis, of hun tot dan toe opgebouwde levenswerk. De gevolgen van het programma Ruimte voor de Rivier voor de bewoners van het rivierengebied verschillen van project tot project. Vooral de maatregelen die binnendijks ruimte creëren voor het water, zijn ingrijpend. De dijkverleggingen Cortenoever en Voorsterklei, ten zuiden en ten noorden van Zutphen zijn twee van dergelijke ingrepen.

De maatregelen in het kort

De IJssel stroomt bij Zutphen door een flessenhals. Bij extreem hoogwater levert dit problemen op. Het verleggen van dijken in de omgeving van Zutphen – bij Cortenoever en bij Voorst – biedt daarvoor een oplossing en vergroot de afvoercapaciteit van de rivier. Bij Voorst komt er een nieuwe dijk; één kilometer meer het land in dan de oorspronkelijke dijk. Deze oude 3,5 km lange dijk wordt op bepaalde plekken – de zogeheten in- en uitroomopeningen – gedeeltelijk afgegraven zodat er drempels ontstaan. Via deze drempels kan het water bij hoge rivierafvoeren in het voormalige binnendijkse gebied met de IJssel meestromen. Ook bij Cortenoever wordt de dijk ongeveer een kilometer landinwaarts verlegd en kan het rivierwater via drempels in het nieuwe buitendijkse gebied meestromen bij hoogwater. De dijkverleggingen leveren bij extreem hoogwater – ten opzichte van de situatie zonder maatregelen – een waterstanddaling op van 26 centimeter bij Voorst en 31 centimeter bij Cortenoever. De verwachting is dat de gebieden die de IJssel door de dijkverleggingen beschikbaar krijgt voor het afvoeren van water, gemiddeld eens per vijfentwintig jaar meestromen. De maatregelen leveren daarmee een belangrijke bijdrage aan de bescherming tegen hoogwater.

Rudy de Groote, waterschap Vallei en Veluwe, omgevingsmanager dijkverleggingen Cortenoever en Voorsterklei

Complexe projectomgeving

Bijzonder complex, zo kwalificeert Rudy de Groote de (maatschappelijke) ‘omgeving’ waarbinnen de plannen voor de dijkverleggingen Cortenoever en Voorsterklei hun beslag moesten krijgen. De Groote is omgevingsmanager vanuit waterschap Vallei en Veluwe, dat na de vaststelling van de Planologische Kernbeslissing (PKB) Ruimte voor de Rivier ‘initiatiefnemer en realisator’ is voor beide maatregelen en de uitvoering coördineert. “Acht agrarische bedrijven worden direct geraakt door de dijkverleggingen. De opstallen daarvan moesten allemaal het gebied uit. Daarnaast moeten veertien woningen en een weg- en waterbouwbedrijf wijken voor de rivierverruiming. Voor sommige wat hoger gelegen woningen geldt dat de mensen daar kunnen blijven wonen. Maar die zitten weer met de vraag hoe vaak ze water over de vloer krijgen en tot welke schade dat zou leiden. Zij zijn momenteel druk doende met maatregelen om dergelijke schade zoveel mogelijk te beperken. Ook zijn er mensen die alleen grond in eigendom hebben. De dijkverleggingen raken ook hen en de eventuele pachters van hun grond. Verder hebben we te maken met natuurbelangen en met de organisaties die zich daar sterk voor maken. In de projectgebieden zijn bovendien monumenten aanwezig, zoals landhuis en boerderij Reuversweerd, en cultuurhistorisch waardevolle plekken; het landgoed Beekzicht bijvoorbeeld, dat een zogeheten natuurschoonwetstatus heeft. In het projectgebied is daarnaast een rioolwaterzuivering gesitueerd. Gemeenten als toekomstig beheerders van rioolleidingen en wegen zijn vanzelfsprekend ook partij. En we hebben natuurlijk te maken met verschillende bevoegde gezagen met verschillende regels - rijk, provincie, waterschap en gemeenten. Al met al een veelheid aan belangen die lang niet allemaal eenvoudig met rivierverruiming te verenigen zijn.”

Van ‘het waait wel over’ naar schrik

De families Beker en Wijers, beiden met een melkveehouderij, zijn al generaties lang met hun land langs de IJssel vergroeid. De geschiedenis van de familie Wijers in Voorst gaat terug tot 1709. Jeroen Beker, die het familiebedrijf op termijn van zijn vader overneemt, is inmiddels de 5e generatie van de familie Beker die ‘boert’ op hun plek in Cortenoever. Voor beide families begint het Ruimte voor de Rivier-verhaal ruim tien jaar geleden, zo ongeveer in 2004. Beker: “Toen kwam Rijkswaterstaat met de eerste aankondiging dat er maatregelen langs de rivieren nodig waren.” De PKB Ruimte voor de Rivier was nog niet afgerond, maar er waren al wel maatregelen en zoekgebieden in beeld. Tijdens een eerste informatiebijeenkomst werden de maatregelen die mogelijk langs de IJssel waren voorzien, toegelicht. “Daar zat Cortenoever ook bij”, vertelt Beker. “Maar er waren nog zo veel plannen dat we dachten: het waait wel over. Cortenoever zal wel afvallen.”

 

‘Er waren nog zoveel plannen, dat we dachten: ‘het waait wel over’. Dat is dus niet gebeurd.’

Evert Jan Wijers, agrariër Voorsterklei

Evert Jan Wijers vult aan: “Was het tijdens die eerste bijeenkomst nog niet duidelijk hoe rigoureus de plannen waren, een tweede bijeenkomst in 2005 bracht daar verandering in. Daar zagen we woningen en bedrijven rood ingetekend staan op kaartmateriaal. Ook de terp waarop onze boerderij de ‘Schnaauwert’ ligt. Dan schrik je. En wij niet alleen; iedereen die het betrof. Het was in één keer duidelijk dat het voor de Voorsterklei om een zeer ingrijpende maatregel zou gaan. Er werd gezegd: ‘we graven de huidige dijk af tot maaiveld.’ Dan zou het gebied elk jaar kunnen overstromen. Woningen die te laag stonden moesten weg. Het agrarisch gebruik van de grond zou door de maatregel nagenoeg niet meer mogelijk zijn. Het was een emotionele bijeenkomst. Het idee dat je het gebied moest verlaten . . . Dat kwam hard aan. De schrik overheerste.”

‘De terp waarop onze boerderij de Schnaauwert ligt, stond rood ingetekend. Dan schrik je. Het idee dat je het gebied moest verlaten . . . Dat kwam hard aan.’

“We moeten wat doen om de plannen tegen te houden”

De ingrijpende plannen die zich aandienden waren – hoewel in dat stadium nog verre van definitief – voor de betrokkenen in Voorst aanleiding een belangenvereniging op te richten: Voorsterklei Watervrij. Wijers werd voorzitter: ”Het idee was om als ‘buren’ gezamenlijk met Rijkswaterstaat in gesprek te kunnen gaan, hun plannen te beoordelen en zelf alternatieven aan te dragen.” Ook in Cortenoever komt de buurt bij elkaar. Beker: “De eerste gedachte was: we moeten wat doen om het tegen te houden. Het is een bijzonder gebied en dat wilden we ook zo houden. Bovendien waren er naar ons idee andere opties en die hebben we ook aangedragen. Maar je weet ook: als dit gebied in beeld blijft, dan gaat er heel veel gebeuren. En wat zijn dan de gevolgen voor mij? De onzekerheid waar je mee geconfronteerd wordt, ook al in het voortraject, dat doet wat met je.”

Oude foto boerderij Wijers

Sceptisch over nut en noodzaak maatregelen

Het draagvlak voor de voorziene ingrepen onder de bewoners in het gebied was ver te zoeken. De Groote: “Tegen nut en noodzaak van de dijkverleggingen werd vanaf het begin zeer sceptisch aangekeken. En daar is goed beschouwd de afgelopen jaren maar weinig in veranderd. De gedachte was en is vaak nog steeds: die hoeveelheid water die de IJssel moet kunnen afvoeren, is echt uit de lucht gegrepen. Zoveel komt hier niet. En: als er dan toch maatregelen nodig zijn, dan niet hier. Waarom moeten wij het oplossen voor andere delen van Nederland? Bovendien: het water komt uit Duitsland. Laten ze het daar maar oplossen. Een ander veelgehoord argument tegen binnendijkse maatregelen is dat we hier in Nederland de uiterwaarden zijn gaan beschouwen als natuurgebied en helemaal laten volgroeien met bomen en struiken. ‘Maak dat eerst maar eens op orde en zorg dat er geen begroeiing is die de doorstroming belemmert (Programma Stroomlijn), is het idee. En: als er dan toch nog meer maatregelen nodig zijn, zoek de oplossing dan in buitendijks gebied en niet binnendijks.”

‘Tegen nut en noodzaak van de maatregelen is altijd sceptisch aangekeken. Daar is eigenlijk de afgelopen jaren maar weinig in veranderd.’

Cortenoever noord oude en nieuwe dijk in beeld

Cortenoever zuid oude en nieuwe dijk in beeld

Luchtfoto Cortenoever noord

Van PKB tot voorkeursvariant

De alternatieven die de bewoners hebben voorgelegd – waaronder een uiterwaardenplan van Voorsterklei Watervrij – worden door Rijkswaterstaat beoordeeld en te licht bevonden: te duur en te weinig effect. In 2007 wordt de PKB Ruimte voor de Rivier vastgesteld. Dan liggen de contouren vast van de gebieden waar wat gaat gebeuren. Net als de aard van de maatregelen die genomen zullen worden en het effect dat deze moeten sorteren. “Vaststelling van de PKB betekende ook dat we ons bedrijf niet verder mochten ontwikkelen op de plek waar we zaten”, zegt Beker. “Er zat voor een paar jaar een slot op de toekomst.”
Na vaststelling van de PKB kreeg de regio (de gemeenten Brummen, Voorst en Zutphen, waterschap Vallei en Veluwe, en de provincie Gelderland) de gelegenheid met een alternatief te komen voor de opgave in de omgeving van Zutphen. “Uiteindelijk”, zegt De Groote, “heeft dat een integraal plan opgeleverd waarin de twee dijkverleggingen waren opgenomen. Groot verschil ten opzichte van de in de PKB opgenomen maatregelen was dat er geen sprake meer was van jaarlijks meestromen. De meestroomfrequentie was teruggebracht naar gemiddeld eens in de 25 jaar. Met deze verandering kon de agrarische functie in het gebied behouden blijven. Mede daardoor ontstond bestuurlijk draagvlak en ook meer maatschappelijke acceptatie voor deze voorkeursvariant.”

‘De vaststelling van de PKB Ruimte voor de Rivier betekende ook dat de toekomst voor een paar jaar op slot zat.’

Onzekerheid bleef

De voorkeursvariant maakte echter nog geen einde aan de onzekerheid waarin – onder meer – de families Beker en Wijers verkeerden. “De periode vanaf de presentatie van de eerste plannen in 2004 tot het gereedkomen van het definitieve ontwerp in 2011 hebben we als een hele nare tijd ervaren”, geeft Wijers aan. “Er werden tijdens de planvorming steeds andere alternatieven onder de loep genomen en doorgerekend. Bij het ene alternatief moesten we weg uit het gebied. In een volgend plan konden we, weliswaar met ‘beperkingen’, blijven zitten. Zo zijn we behoorlijk tussen hoop en vrees heen en weer geslingerd. In die tijd hebben we ook elders in het land rondgekeken: misschien moeten we toch verkopen en waar kunnen we dan terecht?” Beker: “De onzekerheid blijft eigenlijk bestaan tot het moment dat je precies weet waar je aan toe bent en waar je uiteindelijk terechtkomt. Dat is in Cortenoever een vrij individualistisch proces geweest: eerst ben je met z’n allen tegen de maatregel. Maar op een gegeven moment moet je wel voor jezelf kiezen. Wij hebben altijd de voorkeur gehad om in het gebied te blijven. Dat is uiteindelijk ook gelukt. Maar je weet ook dat dat niet voor iedereen haalbaar is. Er moesten echt mensen vertrekken. Dat is heel lastig. In die zin trekt zo’n project een zware wissel op een gemeenschap. Het dwingt mensen als het ware om aan zichzelf te denken.”

‘We zijn behoorlijk tussen hoop en vrees heen en weer geslingerd.’

Puinbreken Cortenoever

Werken aan een definitief ontwerp: open, eerlijk en nieuwsgierig

De keuze voor de voorkeursvariant bracht weliswaar geen zekerheid voor de mensen in het gebied, beaamt ook De Groote. Maar er kon vanaf dat moment wel gewerkt worden aan een definitief ontwerp. “Alle belanghebbenden in het gebied zijn daar intensief bij betrokken. Daarbij was het allereerst zaak om heel duidelijk aan te geven wat nog wel en wat niet meer bespreekbaar was. Bijvoorbeeld als het gaat om mogelijkheden voor mensen om een woning of bedrijf in het gebied terug te bouwen. Of om de situering van ontsluitingswegen, watergangen en fietspaden. Vervolgens hebben we mensen gevraagd mee te denken, en ideeën en wensen in te brengen. Op basis daarvan zijn voor beide gebieden drie ontwerpen gemaakt en is aan het gebied gevraagd daarover te adviseren. Hun advies is in belangrijke mate leidend geweest voor de definitieve uitwerking van de maatregel.”
Rode draad in de gesprekken die het waterschap met alle betrokkenen in het gebied voerde was een open, eerlijke en nieuwsgierige houding. De Groote: “In de keukentafelgesprekken die ik samen met de projectmanager met de bewoners heb gevoerd en waarbij soms veel emotie naar boven kwam, hebben we gewoon vertelt waar het op stond. Waarom ze weg moesten bijvoorbeeld en waarom ze niet kunnen bouwen op de plek van hun voorkeur. Tegelijkertijd stel je de vraag wat je – gegeven de mogelijkheden en onmogelijkheden – nog voor hen kunt doen. Onze insteek is altijd geweest om samen met de bewoners te zoeken naar mogelijkheden waarmee niet alleen het project verder komt, maar zij ook. Het levert alle partijen uiteindelijk veel meer op wanneer je gezamenlijk probeert een oplossing te bedenken in plaats van elkaar te bevechten.”

‘Onze insteek is altijd geweest samen met de bewoners te zoeken naar mogelijkheden waarmee niet alleen het project verder komt, maar zij ook.’

Beroep bij de Raad van State

Ondanks de insteek van het waterschap is niet met iedereen overeenstemming bereikt. De Groote: “In totaal hebben we 41 inspraakreacties gekregen op de ontwerpbesluiten. Voor 24 daarvan hebben we oplossingen kunnen bewerkstelligen; we hebben echt alles in het werk gesteld om kansen te creëren en mensen te helpen bij het zoeken naar oplossingen.” Uiteindelijk zijn er 9 beroepen behandeld door de Raad van State in een procedure die 1,5 jaar geduurd heeft. Twee van de ingediende beroepen zijn tussentijds ingetrokken. Op 1 april 2015 was er eindelijk juridische helderheid: de Raad van State verklaarde de beroepen ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard. Pas vanaf dat moment bestond er definitief duidelijkheid over de toekomst voor de mensen in Cortenoever en Voorsterklei. De Groote: “Niet iedereen is overigens blij met die duidelijkheid. Met een aantal inwoners is er nog altijd geen overeenstemming over de aankoop of het gebruik van hun grond of sloop van de woningen.”

Opgespaarde milieuruimte biedt groeimogelijkheden

De families Wijers en Beker kozen niet voor een gang naar de Raad van State, maar besloten mee te werken om er het beste van te maken en de bedreiging om te buigen naar een kans. Beker: “We wilden graag in het gebied blijven, maar aanvankelijk was er geen geschikte plek beschikbaar. In de loop der jaren is er echter wel wat veranderd in het gebied en zijn er mensen gestopt met hun boerenbedrijf – ook los van het project. Zo kwam er op een gegeven moment een plek vrij waar we wel naartoe wilden. Bij het ontwikkelen en realiseren van die plannen zijn we door het waterschap en de gemeente Brummen volledig ondersteund. Op het gebied van het verkrijgen van de vergunningen bijvoorbeeld, maar ook in de procedure die de nieuwe buurman startte tegen onze plannen.” De Groote: “Als je het cynisch zou verwoorden hebben zij die procedure mede gewonnen met de hulp van de partijen van wie ze van hun oude plek moesten vertrekken.”
De nieuwe plek biedt de familie Beker toekomstperspectief. “We kunnen daar groeien van 200 naar uiteindelijk maximaal 440 koeien.” De Groote vult aan: “We hebben de ‘milieuruimte’ van de vertrekkende agrariërs opgespaard. Die ruimte komt vervolgens ten goede aan de blijvers. We hebben altijd gezegd: sommige dingen maken we onmogelijk. Maar als we dingen mogelijk kunnen maken, dan doen we dat. Dit is daar een illustratie van.”

‘We hebben de milieuruimte van vertrekkende agrariërs opgespaard. Die komt ten goede aan de blijvers.’

Feiten en cijfers Ruimte voor de Rivier

Nieuwe terp; waarom zou dat hier niet kunnen?

Ook de familie Wijers wilde graag in het gebied blijven. In de periode waarin wordt gewerkt aan het definitief ontwerp van de dijkverlegging Voorsterklei lobbyen ze intensief voor de aanleg van een nieuwe terp. Wijers: “In de Overdiepse Polder maken nieuwe terpen deel uit van het project. Waarom zou dat hier niet kunnen?”
Omdat lange tijd onduidelijk bleef, of zijn wens zou worden gehonoreerd, is Wijers ook andere alternatieven gaan verkennen. “We hebben bijvoorbeeld met onze buren de mogelijkheden onderzocht om samen een nieuw bedrijf te beginnen. Daar kwamen we uiteindelijk niet uit; we besloten toch elk ons eigen weg te gaan.” Die ‘eigen weg’ bleek vervolgens niet ver van de oude locatie te liggen. “Er kwam groen licht voor een nieuwe terp, aan de buitendijkse zijde van de nieuwe dijk. We zagen dat als een enorm mooie kans om het bedrijf – op termijn neemt mijn zoon het over – voort te zetten. We hebben daar ook ruimte om te groeien van zo’n 140 koeien nu, naar 200 op de nieuwe locatie.”

‘De nieuwe terp is een enorm mooie kans om het bedrijf voort te zetten.’

Luchtfoto Voorsterklei met nieuwe terp

Financiële afwikkeling en grondzaken

Beide agrariërs zijn goed te spreken over de ondersteuning van het waterschap bij het omzetten van de bedreiging in een kans; bij het zoeken naar een toekomstperspectief. Een stuk minder positief zijn ze over het traject rond de financiële afwikkeling op het gebied van vastgoed en schade met het rijk. Wijers: “Dat liep in het begin verre van soepel. We hadden niet het idee dat de persoon die bij ons aan tafel zat onze situatie goed begreep. Later hadden we met een andere bemiddelaar te maken. Dat liep beter. Maar die eerste onderhandelingen gingen heel moeilijk. Dat bracht voor ons gevoel een goede afloop niet echt dichterbij.”

“Een heel moeilijk, langslepend en taai traject”, is de ervaring van Beker. “Dat had naar mijn overtuiging toch een stuk constructiever opgezet kunnen worden. Er zijn behoorlijk wat wisselingen van de wacht geweest, wat personen betreft met wie we aan tafel zaten. Daarnaast is er meerdere malen getaxeerd en daar hoorden we dan vervolgens niets meer over. Dat heeft een behoorlijke emotionele impact. Die dingen verdienen geen schoonheidsprijs. Je hebt niet om dat circus gevraagd, maar je werkt wel mee. Dan verwacht je ook duidelijkheid. Maar die krijg je dan niet. Dat is lastig.”

De Groote: “Wat wel heeft geholpen, is dat het rijk altijd heeft geprobeerd – waar dat kon – actief aan te kopen, terwijl nog niet 100% zeker was of het nodig was. Er zijn bijvoorbeeld ook agrarische bedrijven aangekocht die buiten het projectgebied liggen, zodat daar agrariërs heen konden die weg moesten uit de projectgebieden. Dat heeft zeker een positief effect gehad.”

‘Ik ben erg blij dat er een einde gekomen is aan de onzekerheid. We staan niet langer stil, maar kunnen weer bewegen; de goede kant op.’

Werk in Voorsterklei

Werk in Voorsterklei

Werk in Voorsterklei

Werk in Voorsterklei

‘We laten heel veel achter, maar we hebben weer toekomst’

Volgens de planning van de aannemer zullen de dijkverleggingen Cortenoever en Voorsterklei eind december 2015 / begin 2016 zijn afgerond. Met de oplevering van die projecten begint een nieuw verhaal van het land langs de IJssel en de mensen die er wonen en werken. Hoe kijken de families Beker en Wijers naar de toekomst?
Beker: “Ik had hier op onze oude plek prima vooruit gekund. Maar qua bedrijfsvoering gaan we er op de nieuwe locatie zeker op vooruit: alles is nieuw en efficiënt ingedeeld. Maar de plek die je achterlaat met alle geschiedenis die eraan vast zit, die raken we kwijt. We laten heel veel achter. Ik heb daarom een dubbel gevoel. Wel ben ik erg blij dat er een einde is gekomen aan de onzekerheid. We staan niet langer stil, maar kunnen weer bewegen; de goede kant op.”

‘We hebben het waterschap gevraagd ons te laten weten wanneer er gesloopt gaat worden. Dan gaan we twee weken weg. Dat willen we liever niet zien.’

Wijers: “We hebben weer toekomst. Dat is het belangrijkste. We hebben gedurende het hele proces nieuwe kansen leren zien en gepakt. We hebben – onder meer ook met gebruikmaking van EU-subsidie – een heel mooie innovatieve en duurzame stal kunnen bouwen: niet alleen voor ons prettig om in te werken, ook diervriendelijk. Het afscheid van de oude plek? We hebben het waterschap gevraagd het ons te laten weten wanneer er gesloopt gaat worden. Dan gaan we twee weken met vakantie. Dat willen we liever niet zien. Dat zal nog even moeilijk zijn.”

Maatschappelijke impact Overdiepse Polder

Tweet Jos de Bont

Rivierjutter Jos de Bont houdt zijn volgers op de hoogte van de ontwikkelingen (en de maatschappelijke impact op de inwoners) in een ander project van Ruimte voor de Rivier: Rivierverruiming Overdiepse Polder.

Op de hoogte blijven van longreads

Altijd als eerste de laatste longread direct in uw e-mail?
Dat kan!
Meld u aan door een e-mail voorzien van uw naam en gewenste e-mailadres te sturen naar info@ruimtevoorderivier.nl
U ontvangt daarna altijd de meest recente longread direct in uw e-mail.