Veelgestelde vragen
Op deze pagina vindt u een aantal veelgestelde vragen. Door op de vraag te klikken komt u bij de beantwoording door het Projectteam.
Meest recente vragen
A. Waar heeft de minister nu mee ingestemd?
B. Heeft de minister nog aanpassingen aan de hoogwatergeul?
C. Wat gaat er nu verder gebeuren?
D. Wordt er ook bezuinigd op de kwaliteit?
E. Wanneer is er meer duidelijkheid over de inlaat?
F. Zijn de dijken nog wel sterk genoeg als ze smaller worden?
G. Waar wordt er nog meer geld mee bespaard?
H. Zijn de dijken klaar in 2015?
I. Heeft dit nadelen voor de omgeving?
J. Wanneer komt er nu duidelijkheid hoe de geul er echt uit komt te zien?
K. Wat wordt er gedaan met de uitkomsten van de uitwerksessies?
L. Is het al duidelijk hoe lang het duurt als iedereen weg wil bij een calamiteit?
M. Wanneer gaat de aankoop van losse percelen van start?
N. Waarom baggeren of graven jullie de IJssel niet uit?
O. Waarom snoeit men niet meer in de uiterwaarden?
Algemeen
1. Wat is noodzaak van de hoogwatergeul bij Veessen? Hoe hangt deze maatregel samen met de andere geplande Ruimte voor de Rivier-maatregelen?
2. Wat te doen met knelpunten bij Zwolle? De hoogwatergeul kan bij Veessen wel zorgen voor voldoende waterstandsdaling, maar wat gebeurt er benedenstrooms?
3. Wat is de relatie van de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld met de Duursche Waarden?
Aanleg geul: Techische aspecten
4. Hoe gaan de nieuwe dijken er uitzien qua vormgeving en worden deze bijv. voorzien van steunbermen? Komen er over of langs de nieuwe dijken ook wegen, fietspaden, huizen of bomen? Denk aan koppeling sociale en economische ontwikkelingen en vormgeving dijken!
5. Waar haalt u alle grond vandaan voor de twee dijken?
6. Is de grond voor de dijken schoon?
7. Waarom graven jullie de IJssel niet gewoon uit, zodat deze meer water kan verwerken?
7B. Baggeren is blijkbaar geen alternatief voor de hoogwatergeul, maar waarom zien wij sowieso geen baggerschepen meer op de IJssel, terwijl wij deze in het verleden veel voorbij zagen komen?
Aanleg geul: Inlaat (vragen toespitsen op hybride inlaat)
8. Duidelijke voorkeur voor een mechanische inlaat met brug!
9. Hoe hoog komt de voet van de mechanische inlaat?
10. Hoe hoog wordt de inlaat?
11. Waarom nog de keuze voor een vaste inlaat? Door toekomstige ontwikkelingen kan de nu gekozen hoogte achterhaald zijn, waardoor de dam vaker zal overstromen dan nu de verwachting is.
Aanleg geul: Onderzoek
12. Wordt er een 0-meting gedaan naar de invloed van de grondwaterstand op gebieden elders langs de oude provinciale weg / grote weg Wapenveld?
13. Wordt er gekeken naar het effect van de waterstand in de geul naar de dorpen toe?
14. Is er wel voldoende onderzoek gedaan vanuit het hydrologisch systeem?
15. Veranderde kwel heeft gevolgen voor wonen! (water in de kelder). Wordt er onderzocht waar de 'echte' kwel boven komt?
Water, watersystemen
16. Gaat de IJssel in de toekomst veel meer water afvoeren dan nu, zoals Harry Keereweer heeft gezegd?
17. Is waterafvoer richting Ijsselmeer en Afsluitdijk gegarandeerd?
18. Wordt de waterhuishouding van de geul gescheiden van de IJssel?
19. Hoe zit het met de waterbeheersing 'in de badkuip'? Komen er extra gemalen? En wie draait er in de toekomst op voor de kosten van instandhouding en onderhoud?
20. Onderschat de druk van het grondwater niet in de badkuip. Nu met één rivier lopen de puntstukken voor de weidepompen (ca. 8 meter diep) 'gewoon' over bij een zakkende IJssel. Mogelijk gaan 'lege' kelders drijven.
21. Wat is chemische samenstelling van het IJsselwater? Dit i.v.m. recreatie in de geul. Wat is samenstelling van het slib?
Als de geul volstroomt: Ingebruikname in de toekomst
22. Wie beslist over 'openstelling' geul?
23. Valt het volstromen van de geul wel te reguleren? Het is toch uiteindelijk de natuur (hoog water) die dat bepaalt!?
24. Per overstroming: twee weken onder water? En als het hoog water langer aanhoudt?
25. Hoe vindt de ontsluiting van het gebied tussen de IJsseldijk en de oostelijke dijk van de geul (Veessen, Vorchten, Marele en Werven) plaats als de geul in gebruik is?
Veiligheid
26. IJsseldijk te gevaarlijk berijdbaar bij noodsituaties, dus meer doorsteken over de geul!
27. Hoe veilig zijn de dijken als de groene rivier volstroomt met water?
28. Wat zijn de risico's voor bewoners als alles vol water staat en er sprake is van veel regen? Kan het water uit de badkuip en uit de geul wel altijd weg?
29. Als de badkuip vol loopt, moeten dan alle bewoners van de gevaarlijke dijk (Plakkenweg) gebruikmaken, terwijl die daar dan ook verzadigd is en dus dubbel kwetsbaar is?
30. Hoe zit het met de verkeersveiligheid tijdens de aanleg van de geul? Wij zien ongelukken gebeuren met fietsers, schoolgaande kinderen, zwaar bouwverkeer. Een veilige fietsroute vanuit de kernen Veessen en Vorchten vanaf de dijk is een pré.
31. Hoe voorkom je het effect van slapende dijken? Is er kans op verdroging van de dijken en wat zijn dan de maatregelen?
Bereikbaarheid, verkeer
32. Wordt de Kerkdijk nog aangepast (verbreed of voorzien van een fietspad) i.v.m. de te verwachten verkeersdrukte als de geul in gebruik is en de oost-west verbindingen (via o.m. de Plakkenweg) niet kunnen worden gebruikt?
33. Ik woon dicht langs de Grote Wetering. Graag wat meer info wat ik kan verwachten.
34. Blijft de huidige wegenstructuur gehandhaafd bij aanleg van de hoogwatergeul? Wegen die nu 'door de geul' lopen, blijven die dan bestaan?
35. Waarom maar twee ontsluitingswegen en geen rekening gehouden met de kans op wegafsluiting door onderhoud/calamiteit en daarmee de bereikbaarheid van de dorpen?
Economische aspecten en financiën
36. Kosten: het hele project mag € 146,5 miljoen kosten. Hoe wordt gegarandeerd dat het binnen het budget blijft. Twijfelachtig gezien ervaringen met bijvoorbeeld de Den Haag tramlijn, Betuwelijn…!
37. Gaat een dure inloopmogelijkheid ten koste van andere ontwikkelingen? Is er een totaalbudget?
38. Hoe wordt gezorgd voor aanvullende financiering? Waar, hoe en wie?
39. Geld voor gebiedsontwikkeling. Waar komt dat vandaan?
Landbouw, beheer geul
40. Indruk ontstaat dat er doorlopend naar motieven voor een blauwe geul gezocht wordt.
41. Hoe verhouden zich de belangen van natuur en landbouw?
42. Alleen landbouw houden. Geen recreatie om de gemeentekas van Heerde te vullen!
43. Wordt na 2015 ook rekening (ook financieel) gehouden met beheer van de hectares die in de geul liggen? Wanneer in de geul niets aan onderhoud van struweel en bossen wordt uitgevoerd, dan hebben we aan één hoogwatergeul nog niet genoeg!
44. Kunnen de dijken door agrariërs worden beheerd, meer concreet door rundvee worden begraasd en levert dit geen problemen op met de veiligheid en stabiliteit van de dijk?
Landschap, natuur
45. Wat zijn de natuur- en landschappelijke effecten van de aanleg van de geul, bijv. voor flora en fauna, variatie van het landschap en het uitzicht?
46. Komen er ook natuurgebieden voor het wild?
Planvormings- en besluitvormingsproces
47. Hoe laten jullie inspraak bewoners gelden? Er is een groot wantrouwen onder bevolking. Laat hen niet in de steek!
48. Op welke termijn kan duidelijkheid gegeven worden over het ontwerp van de geul? Voor het gebied is duidelijkheid op zo kort mogelijke termijn van belang!
49. Stel alles is rond, bevolking, GS zijn akkoord met het plan voor de hoogwatergeul. Hoe groot is dan de kans dat de staatssecretaris de Tweede Kamer adviseert dit niet over te nemen en een alternatief biedt?
Recreatie, wonen
50. Komt er ook (meer) recreatie in het gebied?
51. Bevatten de plannen ook bestemmingsplannen? Recreatie?
52. Worden de natuurgebieden in de huidige uiterwaarden en de eventuele natuurgebieden in de nieuwe uiterwaarden binnen de geul toegankelijk?
53. Wat zijn de plannen v.w.b. woningbouw bij de ontwikkeling van het gebied? Wij zijn tegen ontwikkeling van nieuwbouwgebieden.
Schadevergoedingen
54. Wordt er wel voldoende gekeken naar mogelijke negatieve effecten van aanleg van de geul en wie de kosten hiervan gaat vergoeden?
55. Hoe zit het met schadevergoeding ten tijde van aanleg van de hoogwatergeul. Denk aan: omzetverlaging huisverkoop, scheurvorming in woningen en waardevermindering (uitzichtschade) etcetera.
56. Wat gebeurt er als er hoogwater geweest is? Wat voor vergoeding krijg je als boer/gebruiker voor de milieuvervuiling?
57. Wie neemt initiatief voor schade-inventarisatie?
58. Hoe is de stand van grondwater van invloed op bestaande huizen en gebouwen als er water in de geul staat? Als er scheuren in de huizen komen, waar kun je dan naar toe?
Grondaankoop
59. Grondaankoop: Hoe vindt benadering van direct-betrokkenen plaats?
60. Grondprijs is op dit moment nog niet de waarde als het voor de MZ was. Dit is wel nodig!
61. Verwerving met gebouwen; kunt u iets zeggen over het onderscheid losse grond en aankoop hele bedrijven (grond en gebouwen) en wellicht ook verplaatsing van bedrijven?
A. Waar heeft de minister nu mee ingestemd?
Antwoord: Minister Eurlings van Verkeer en Waterstaat heeft de voorkeursalternatief voor de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld vastgesteld. Met deze zogeheten
SNIP2a-beslissing stemt hij in met de voorkeursvariant die eerder door de stuurgroep Veessen-Wapenveld is aangedragen. Dat betekent dat de hoogwatergeul een geul wordt waarin landbouw de voornaamste functie blijft, met een overstromingsfrequentie van gemiddeld eens per mensenleven.
B. Heeft de minister nog aanpassingen aan de hoogwatergeul?
Antwoord: De minister voegt aan zijn beslissing nog wel een aanvullende opdracht toe tot kwaliteitsverbetering, besparing en versnelling van het project.
C. Wat gaat er nu verder gebeuren?
Antwoord: De voorkeursvariant is nu op rijksniveau vastgesteld als uitgangspunt voor de verdere uitwerking en detaillering. De minister geeft in zijn beslissing ook al aan in welke richting mogelijke oplossingen gezocht moeten worden. Met name de wijze van grondverzet in de uitvoeringsfase kan een grote besparing en tijdwinst opleveren. Ook schrapt de minister het idee van drie bedrijven op buitendijkse terpen in het stroomgebied van de hoogwatergeul. In navolging van het voorstel van de provincie Gelderland, wil de minister deze nieuwe bedrijven nu binnendijks situeren, aan de rand van de geul. Een binnendijkse ligging van de bedrijven levert minder belemmeringen op voor de bedrijfsvoering, is goedkoper en kan goed gecombineerd worden met een huiskavel in de hoogwatergeul.
D. Wordt er ook bezuinigd op de kwaliteit?
Antwoord: Nee. Wel moet de technische uitvoering van de inlaat eenvoudiger worden en daardoor wordt deze ook betrouwbaarder in beheer en gebruik. Een bijkomend voordeel is waarschijnlijk een kleine kostenbesparing. De projectorganisatie zal de komende maanden mogelijke uitwerkingen hiervan onderzoeken. Vast staat al wel dat dergelijke aanpassingen niet leiden tot wijziging van de overstromingsfrequentie van eens per mensenleven. Ook zal de inlaat hierdoor niet breder worden, mogelijk wel iets smaller.
E. Wanneer is er meer duidelijkheid over de inlaat?
Antwoord: Na de zomer zal de projectorganisatie aan de minster rapporteren welke inlaat de voorkeur krijgt en welke besparings- en versnellingsopties de projectorganisatie ziet.
F. Zijn de dijken nog wel sterk genoeg als ze smaller worden?
Antwoord: Nee, deze besparing wanneer de dijken smaller worden gaat niet ten koste gaat van de veiligheid. In Nederland is nauwkeurig voorgeschreven aan welke eisen dijken moeten voldoen. De dijken rond de hoogwatergeul voldoen daar uiteraard ook aan.
G. Waar wordt er nog meer geld mee bespaard?
Antwoord: Het aankopen en aanvoeren van grond om de dijken mee te bouwen, blijkt aanzienlijk goedkoper te kunnen. Dit omdat er in de nabije omgeving ruimschoots grond voorradig is. Dit tegen lagere prijzen dan ingecalculeerd was. Ook worden de boerderijen in plaats van buitendijks (volledig op dijkhoogte), nu binnendijks en iets lager aangelegd (maar niet zo laag dat je vanuit een boerderij niet meer over de dijk kunt kijken). Hierdoor worden ook aardig wat kosten bespaard.
H. Zijn de dijken klaar in 2015?
Antwoord: We lopen nu achter op de oorspronkelijke planning. Daarom wordt er in de herfst een rapport opgeleverd waarin de mogelijke besparingen en tijdwinst verder zijn uitgewerkt. Die tijd kan worden ingehaald door de werkzaamheden al te starten voordat we alle grond hebben aangekocht. Ook zouden kan de uitvoering versneld worden door dijken gelijktijdig aan te leggen.
I. Heeft dit nadelen voor de omgeving?
Antwoord: Er is mogelijk meer overlast voor de omwonenden of het kost meer geld. Bij de afweging hierover wordt ook de klankbordgroep betrokken. Over zaken als bereikbaarheid en verkeersveiligheid in het gebied ten tijde van de uitvoering, wil de projectorganisatie graag een goede afstemming en informatievoorziening voor de omwonenden.
J. Wanneer komt er nu duidelijkheid hoe de geul er echt uit komt te zien?
Antwoord: De bodemonderzoeken moeten aantonen dat de ondergrond voldoende draagkracht heeft om de dijken hier aan te kunnen leggen. Daarom wordt er gekeken naar de soorten bodem, zodat duidelijk wordt hoe de dijken gebouwd moeten worden. Ook moeten we niet vergeten dat water ook onder een dijk ook een weg naar buiten moet vinden. Verder is een archeologisch bureau bezig met onderzoek in de omgeving van Vorchten. Daarnaast wordt er onderzoek gedaan naar de flora en fauna om te voorkomen dat ecologische waarden worden vernietigd door het aanleggen van de dijken. En natuurlijk wordt er naar bodemvervuiling gekeken. Die onderzoeken zijn voor het grootste deel eind deze zomer afgerond. Dan kunnen we zekerheid geven over hoe de geul er precies komt uit te zien.
K. Wat wordt er gedaan met de uitkomsten van de uitwerksessies?
Antwoord: De resultaten van de sessies - aanbevelingen en het schetsontwerp - worden aangeboden aan de klankbordgroep en stuurgroep. Neemt de stuurgroep de aanbevelingen over, dan is het schetsontwerp leidend bij de verdere detailuitwerking van de voorkeursvariant. Uiteindelijk velt de staatssecretaris Verkeer en Waterstaat de definitieve beslissing over het gedetailleerde planontwerp. Dit gebeurt naar verwachting in 2011- 2012. Voor de projectorganisatie staat al wel vast dat de aanbevelingen uit het schetsontwerp zoveel mogelijk moeten worden overgenomen in het definitieve plan, tenzij dit om zwaarwegende redenen echt niet mogelijk is.
L. Is het al duidelijk hoe lang het duurt als iedereen weg wil bij een calamiteit?
Antwoord: Daartoe is het nodig de wegcapaciteit te weten. Volgens de plannen zijn er nu twee in plaats van drie ontsluitingswegen als de geul in gebruik is. De vraag is of dat voldoende is. Antwoorden op deze en andere vragen worden de komende maanden in een rapport gevat. Met de klankbordgroep is afgesproken dat ze tijdens het opstellen van het rapport al de gelegenheid krijgen te reageren op de antwoorden. Het rapport is vanaf september in te zien op te website.
M. Wanneer gaat de aankoop van losse percelen van start?
Antwoord: De loop van de dijken en overige elementen zijn nog niet voldoende uitgewerkt om tot aankoop over te kunnen gaan. We vinden het een nare boodschap voor de mensen dat ze nog langer moeten wachten. We kunnen ons voorstellen dat mensen in de omgeving duidelijkheid willen. Pas als we meer zekerheid hebben over het tracé van de dijk, kunnen we de mensen met de losse percelen benaderen. We schatten nu in dat we daar kort na de zomer mee kunnen beginnen, maar 100% zeker is dit niet. Alles valt of staat met de vraag of er genoeg zekerheid is om over aankoop in gesprek te gaan.
N. Waarom baggeren of graven jullie de IJssel niet uit?
Op zich is dit een effectieve waterstandverlagende maatregel, maar geen gelijkwaardig alternatief voor de hoogwatergeul bij Veessen-Wapenveld. Uitgraven van de IJssel is alleen een optie in de benedenstroomse delen van de rivier, grofweg tussen Zwolle en Kampen, waar aanzanding plaatsvindt. In de bovenstroomse delen van de rivier daalt de bodem van het zomerbed voortdurend. Er wordt hier juist getracht dit proces te stoppen vanwege de negatieve gevolgen, zoals het ondergraven van waterstaatskundige werken. Onder meer deze afweging heeft geleid tot de keuze voor de hoogwatergeul.
O. Waarom snoeit men niet meer in de uiterwaarden?
Het snoeien in de uiterwaard zal niet leiden tot voldoende daling van de waterstand. Daarvoor blijft de geul nodig. Bovendien zijn er ook afspraken gemaakt over de mate waarin natuur tot ontwikkeling kan komen in deze uiterwaarden. Deze doelen moeten ook gerealiseerd worden.
Algemeen
1. Wat is noodzaak van de hoogwatergeul bij Veessen? Hoe hangt deze maatregel samen met de andere geplande Ruimte voor de Rivier-maatregelen?
De PKB (Planologische Kern Beslissing Ruimte voor de Rivier) omvat een samenhangend pakket van maatregelen om een hogere afvoer over de Rijn veilig te kunnen afvoeren. Naast de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld omvat dit pakket ook ingrepen langs de IJssel bij Kampen, Zwolle, Deventer en Zutphen. De hoogwatergeul is een hydraulisch zeer effectieve maatregel die over een groot traject, tot aan Deventer voor voldoende waterstandsdaling zorgt zodat op dat traject geen aanvullende maatregelen meer nodig zijn.
2. Wat te doen met knelpunten bij Zwolle? De hoogwatergeul kan bij Veessen wel zorgen voor voldoende waterstandsdaling, maar wat gebeurt er benedenstrooms?
De PKB (Planologische Kern Beslissing Ruimte voor de Rivier) omvat een samenhangend pakket van maatregelen om een hogere afvoer over de Rijn veilig te kunnen afvoeren. Naast de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld omvat dit pakket ook ingrepen bij Zwolle. Dit betreft de Dijkverlegging Westenholte, de Uiterwaardvergraving Scheller en Oldeneler buitenwaarden en de zomerbedverlaging beneden IJssel. Hiernaast zijn in de PKB nog een aantal zogenaamde “lopende (rijks) projecten” opgenomen. Dit zijn projecten die niet behoren tot het maatregelen pakket van de PKB maar wel bijdragen aan de benodigde rivierverruiming in 2015. Een daarvan is het project “Obstakelverwijdering landhoofd spoorbrug Zwolle”, een project wat wordt gerealiseerd in het kader van de Hanzelijn. Deze 4 projecten tezamen zorgen ervoor dat het water ook veilig de stad Zwolle kan
passeren. Deze projecten maken geen onderdeel uit van de planstudie Veessen-Wapenveld.
3. Wat is de relatie van de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld met de Duursche Waarden?
De PKB (Planologische Kern Beslissing Ruimte voor de Rivier) omvat een samenhangend pakket van maatregelen om een hogere afvoer over de Rijn veilig te kunnen afvoeren. Naast de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld omvat dit pakket ook ingrepen langs de IJssel bij Kampen, Zwolle, Deventer en Zutphen. Hiernaast zijn in de PKB nog een aantal zogenaamde “lopende (rijks) projecten” opgenomen. Dit zijn projecten die niet behoren tot het maatregelen pakket van de PKB maar wel bijdragen aan de benodigde rivierverruiming in 2015. Een daarvan is het project “Uiterwaardvergraving Welsumerwaarden en Fortmonderwaarden natuur”. Dit project staat uit wel bekend als Duursche waarden-2. Het project maakt dus geen onderdeel uit van de planstudie voor de hoogwatergeul. Maar vanwege de ligging dichtbij de inlaat bij Veessen zal wel afstemming worden gezocht.
Het project Duursche waarden-1 is al in 1989 ingericht. Het project heeft geen effect op de waterstand. Het waterstandseffect van het bos wordt gecompenseerd door de geulen in het gebied. Rijkswaterstaat houdt er toezicht op dat de hoeveelheid bos niet toeneemt en opstuwing ontstaat. Dit geldt overigens voor alle uiterwaarden. In het kader van het project “Stroomlijn” worden locaal aanwezige beheerachterstanden op orde gebracht.
Aanleg geul: Techische aspecten
4. Hoe gaan de nieuwe dijken er uitzien qua vormgeving en worden deze bijv. voorzien van steunbermen? Komen er over of langs de nieuwe dijken ook wegen, fietspaden, huizen of bomen? Denk aan koppeling sociale en economische ontwikkelingen en vormgeving dijken!
Het vormgeven van de dijken is van een aantal zaken afhankelijk. Een daarvan is inderdaad de koppeling met de verwachtingen die er zijn rond de sociaal-economische ontwikkeling van het gebied. Voorbeelden hiervan, die al door inwoners van het gebied zijn aangedragen, zijn:
* Dijken geschikt maken voor begrazing door koeien
* Dijken geschikt maken voor recreatief (mede)gebruik
* Dijken rol laten spelen bij bereikbaarheid in calamiteiten situaties
Bij het componeren van de varianten komt hierover meer duidelijkheid, maar er wordt dus wel degelijk een koppeling gemaakt met de sociale en economische ontwikkelingen in het gebied.
5. Waar haalt u alle grond vandaan voor de twee dijken?
Omdat er geen “GEUL” wordt gegraven, maar twee dijken worden gelegd, moet alle grond voor waterkeringen van buiten het gebied aangevoerd worden. Verwacht mag worden dat uit de verschillende uitwaard-maatregelen grond beschikbaar komt. In het kader van de planstudie zullen ook de grondstromen die benodigd zijn voor de realisatie van de hoogwatergeul in beeld worden gebracht. Benutten van vrijkomende grond uit de IJssel zelf of uit de uiterwaarden bij bijvoorbeeld andere PKB projecten is hierbij een mogelijkheid. Maar er kunnen ook andere opties zijn. De grondkwaliteit die nodig is voor de dijken en het beoogde gebruik (bijvoorbeeld landbouw) is daarbij uiteraard doorslaggevend. Uitgangspunt is dat de bestaande grondkwaliteit door de aanvoer van extra grond niet af mag nemen.
6. Is de grond voor de dijken schoon?
Uitgangspunt is dat de bestaande grondkwaliteit door de aanvoer van extra grond niet af mag nemen. De uitvoering van grondwerken is gebonden aan voorschriften met betrekking tot bodembescherming. Uitgangspunt hierbij is dat geen vuilere grond verwerkt mag worden dan nu al aanwezig is.
7. Waarom graven jullie de IJssel niet gewoon uit, zodat deze meer water kan verwerken?
In het kader van de PKB is een afweging gemaakt tussen verschillende oplossingen om een hogere afvoer over de IJssel mogelijk te maken. Voor het traject grofweg tussen Deventer en Zwolle is ook gekeken naar het afgraven van de IJsseluiterwaarden. De bestaande landschappelijke, natuur- en cultuurhistorische waarden van het buitendijkse gebied worden hierdoor echter zeer zwaar aangetast. Zomerbedverdieping is niet overwogen als (deel-)alternatief voor de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld. Zomerbedverdieping is alleen een optie in de benedenstroomse delen van de rivier; daar waar aanzanding plaatsvindt. Hier wordt sowieso gebaggerd om de vaarweg op diepte te houden. In de bovenstroomse delen van de rivier daalt de bodem van het zomerbed voortdurend, tengevolge van ingrepen in het verleden. Vanwege de negatieve gevolgen van deze bodemdaling (bijvoorbeeld ondergraven van waterstaatskundige werken) wordt hier juist getracht dit proces te stoppen" (bron: PKB deel 1 pagina 59). Bovendien is gebleken dat wanneer de afvoeren over de IJssel nog meer stijgen, een binnendijkse geul al snel alsnog noodzakelijk is. Alles afwegende is door de Tweede en Eerste Kamer met algemene stemmen gekozen om op korte termijn een bypass te realisern (zie ook hoofdstuk 22 Toelichting op de PKB).
7B. Baggeren is blijkbaar geen alternatief voor de hoogwatergeul, maar waarom zien wij sowieso geen baggerschepen meer op de IJssel, terwijl wij deze in het verleden veel voorbij zagen komen?
Het is inderdaad correct dat Rijkswaterstaat de afgelopen jaren weinig baggeronderhoud heeft kunnen uitvoeren langs de IJssel. Dit heeft vooral een financiële oorzaak. Inmiddels is het district Twentekanalen-IJsseldelta van Rijkswaterstaat bezig met de voorbereiding van twee baggerprojecten in de regio. Het eerste project richt zich op de ondiepten in de IJssel. Het tweede richt zich op ondiepten in de hierop aansluitende kanalen en overige wateren. In beide gevallen gaat het om het wegnemen van ondiepten die belemmerend zijn voor de scheepvaart (nautisch baggeren).
Aanleg geul: Inlaat (vragen toespitsen op hybride inlaat)
8. Duidelijke voorkeur voor een mechanische inlaat met brug!
De keuze van het soort inlaatwerk en de eventuele combinatie met een brug moet nog gemaakt worden. Dit is onderdeel van het totaalontwerp.
9. Hoe hoog komt de voet van de mechanische inlaat?
Dat is afhankelijk van het soort inlaatwerk en de vereiste capaciteit. Dit wordt nog nader onderzocht.
10. Hoe hoog wordt de inlaat?
Dat is afhankelijk van het soort inlaatwerk en de vereiste capaciteit. Dit wordt nog nader onderzocht.
11. Waarom nog de keuze voor een vaste inlaat? Door toekomstige ontwikkelingen kan de nu gekozen hoogte achterhaald zijn, waardoor de dam vaker zal overstromen dan nu de verwachting is.
In het kader van de planstudie zullen verschillende in- en uitlaatconstructies worden afgewogen. Hierbij kan ook worden gedacht aan een inlaatdrempel die op relatief eenvoudige wijze kan worden verhoogd of verlaagd wanneer dat door toekomstige ontwikkelingen in het buitendijkse gebied noodzakelijk blijkt.
Aanleg geul: Onderzoek
12. Wordt er een 0-meting gedaan naar de invloed van de grondwaterstand op gebieden elders langs de oude provinciale weg / grote weg Wapenveld?
Er zal een geohydrologisch onderzoek worden gedaan. Onderdeel hiervan is het in beeld brengen van de huidige situatie.
13. Wordt er gekeken naar het effect van de waterstand in de geul naar de dorpen toe?
Er zal een geohydrologisch onderzoek worden gedaan. Onderdeel hiervan is het in beeld brengen van de huidige situatie en het effect van de waterstand in de geul naar de dorpen.
14. Is er wel voldoende onderzoek gedaan vanuit het hydrologisch systeem?
Jazeker. Hydrologische en geohydrologisch onderzoek zijn onderdeel van het ontwerpproces. Onderdeel van de planuitwerking is o.a. het in beeld brengen van de huidige grondwaterpeilen en stromen.
15. Veranderde kwel heeft gevolgen voor wonen! (water in de kelder). Wordt er onderzocht waar de 'echte' kwel boven komt?
Kwel heeft betrekking op de hoeveelheid water. Dit heeft niet meteen gevolgen voor de hoogte van het grondwater. Voorkomen moet worden dat het grondwaterpeil als gevolg van meer kwel gaat stijgen.
Water, watersystemen
16. Gaat de IJssel in de toekomst veel meer water afvoeren dan nu, zoals Harry Keereweer heeft gezegd?
Waarschijnlijk wordt gedoeld op de uitspraak over de verdeling van het water dat bij Lobith binnenkomt over de Waal, de Rijn en de Lek. Die verdeling (1/9 van het totaal over de IJssel) blijft hetzelfde, althans in de afvoerhoeveelheden waarmee op de korte en op de lange termijn wordt gerekend. Pas daarboven is er discussie over verandering van de verdeling. Besluiten daarover zijn er nog niet.
17. Is waterafvoer richting Ijsselmeer en Afsluitdijk gegarandeerd?
Ja. Naast de ruimte voor de riviermaatregelen bij Zwolle en Kampen wordt door Rijkswaterstaat gewerkt aan extra spuicapaciteit in de afsluitdijk.
18. Wordt de waterhuishouding van de geul gescheiden van de IJssel?
De waterhuishouding in rivier, geul en omgeving Veessen worden als drie afzonderlijke gebieden beoordeeld.
19. Hoe zit het met de waterbeheersing 'in de badkuip'? Komen er extra gemalen? En wie draait er in de toekomst op voor de kosten van instandhouding en onderhoud?
Voor het gebied van de "Hoogwatergeul" en voor het gebied tussen de oude en nieuwe dijken (Veessen, Vorchten, Marle, Werven) wordt de waterhuishouding aangepast. Uit het nadere ontwerp van de geul moet blijken of nieuwe gemalen noodzakelijk zijn. Verwacht mag worden dat voor het leegmalen van de geul extra pompcapaciteit nodig is.
De waterhuishouding in het gebied valt onder verantwoordelijkheid van waterschap Veluwe. Onderdeel van de uitwerking van deze PKB maatregel is het aanpassen van de huidige sloten en weteringen. De toekomstige beheerskosten worden opgebracht door de inwoners van waterschap Veluwe.
20. Onderschat de druk van het grondwater niet in de badkuip. Nu met één rivier lopen de puntstukken voor de weidepompen (ca. 8 meter diep) 'gewoon' over bij een zakkende IJssel. Mogelijk gaan 'lege' kelders drijven
Dit is een terecht aandachtspunt. In de planstudie zullen de grondwatereffecten van de hoogwatergeul in beeld worden gebracht en zonodig voorstellen worden gedaan voor maatregelen om het effect tegen te gaan.
21. Wat is chemische samenstelling van het IJsselwater? Dit i.v.m. recreatie in de geul. Wat is samenstelling van het slib?
De chemische samenstelling van het IJsselwater, vergelijkbaar met Rijnwater, is bekend via metingen bij Lobith en Kampen. De kwaliteit is inmiddels redelijk goed te noemen. Dit geldt ook voor het slib dat nu wordt afgezet. Nog niet alle parameters voldoen aan de normen, de overschrijdingen zijn beperkt. Het zorgt niet direct voor beperkingen ten aanzien van recreatie zoals varen en vissen.
Specifiek voor zwemmen geldt, zoals in alle opppervlaktewater, dat speciale "zwemwaterlocaties" zijn aangewezen. Op die locaties wordt de kwaliteit bewaakt met het oog op specifieke risico's tav zwemmen (mn bacteriologisch). Op andere locaties wordt zwemmen afgeraden, kwaliteit en veiligheid zijn daar niet voldoende gegarandeerd.
Uiteraard zal bij de uitwerking van eventuele recreatiemogelijkheden in de geul dergelijke informatie worden gebruikt en waar nodig verder uitgediept.
Als de geul volstroomt: Ingebruikname in de toekomst
22. Wie beslist over 'openstelling' geul?
De vorm van de inlaat staat nog niet vast. Dit kan een vaste ofwel een mechanische inlaat gaan worden. Bij een vaste inlaathoogte wordt het moment van instromen bepaald door de waterhoogte op dat moment. In geval van een mechanische inlaat, wordt in het Rijksprojectbesluit vastgelegd in welke gevallen de geul gebruikt zal worden. Ook wordt later nog bepaald welke instantie het besluit neemt tot openstelling. Dit is op dit moment dus nog niet bekend.
23. Valt het volstromen van de geul wel te reguleren? Het is toch uiteindelijk de natuur (hoog water) die dat bepaalt!?
Het volstromen van de geul is afhankelijk van de vorm en constructie van het inlaatwerk. Bij keuze voor een bediende constructie zal de geul volstromen bij van tevoren afgesproken condities. Bij keuze voor een vaste drempel is vollopen afhankelijk van het waterpeil in de rivier. Naar verwachting zal de geul met een bediende inlaatconstructie minder vaak vollopen.
24. Per overstroming: twee weken onder water? En als het hoog water langer aanhoudt?
De aangegeven overstromingsperiode van 2 weken is een gemiddelde periode. Als het hoogwater langer aanhoudt, zal de geul ook langer onder water staan. Maar het kan ook korter aanhouden. In de planstudie zal nader worden onderzocht hoe vaak en hoe lang de geul, gegeven een bepaald ontwerp van de in- en uitlaatdrempel, naar verwachting in de toekomst onder water zal komen te staan.
25. Hoe vindt de ontsluiting van het gebied tussen de IJsseldijk en de oostelijke dijk van de geul (Veessen, Vorchten, Marele en Werven) plaats als de geul in gebruik is?
Als de geul in gebruik is dan worden Veesen en Vorchten zuidelijk ontsloten via de Kerkdijk en noordelijk via de Werverdijk/Werverweg. Een oost/west ontsluiting via bijvoorbeeld de Plakkenweg wordt nog nader bekeken. De verwachte gebruiksfrequentie van de geul is echter zeer laag en zal bovendien dan niet langdurig zijn.
Veiligheid
26. IJsseldijk te gevaarlijk berijdbaar bij noodsituaties, dus meer doorsteken over de geul!
De ontsluiting via de Noord en Zuidkant is minimaal gegarandeerd bij hoogwater. De ontsluiting Oost-West door het midden van het gebied (Plakkenweg) bij hoogwater wordt nog nader bekeken. In situatie van laagwater blijft de wegenstructuur gehandhaafd.
27. Hoe veilig zijn de dijken als de groene rivier volstroomt met water?
De dijken van de hoogwatergeul moeten net zo sterk zijn als de huidige IJsseldijken. Dat betekent dat zij bestand moeten zijn tegen een hoogwaterstand die gemiddeld slechts eens in de 1250 jaar voorkomt. 100% veiligheid is echter een illusie.
28. Wat zijn de risico's voor bewoners als alles vol water staat en er sprake is van veel regen? Kan het water uit de badkuip en uit de geul wel altijd weg?
Voor het gebied tussen hoogwatergeul en IJssel wordt de waterhuishouding aangepast. Zo nodig wordt een extra gemaal gebouwd om wateroverlast te voorkomen. Voor het leegmalen van de geul is waarschijnlijk ook extra pompcapaciteit nodig.
29. Als de badkuip vol loopt, moeten dan alle bewoners van de gevaarlijke dijk (Plakkenweg) gebruikmaken, terwijl die daar dan ook verzadigd is en dus dubbel kwetsbaar is?
De dijken van de hoogwatergeul moeten net zo sterk zijn als de huidige IJsseldijken. Dat betekent dat zij bestand moeten zijn tegen een hoogwaterstand die gemiddeld slechts eens in de 1250 jaar voorkomt. 100% veiligheid is geen realistisch scenario. Daarom is de overheid ook voorbereid (niet alleen hier, overal langs de kust, grote wateren en rivieren) op een onverhoopte calamiteit. Voor alle door dijken beschermde gebieden is in het gemeentelijk calamiteitenplan voorzien in een eventuele evacuatie ven het gebied. Naast het gebuik van de dijken bij de evacuatie zullen ook andere wegen een rol spelen. De aanwezigheid van voldoende goede uitvalswegen is daarom een belangrijk aandachtspunt in het projectontwerp.
30. Hoe zit het met de verkeersveiligheid tijdens de aanleg van de geul? Wij zien ongelukken gebeuren met fietsers, schoolgaande kinderen, zwaar bouwverkeer. Een veilige fietsroute vanuit de kernen Veessen en Vorchten vanaf de dijk is een pré.
Wij zien dit ook als een belangrijk punt van aandacht en zullen ervoor zorgen dat tijdens de uitvoering van de werken de verkeersafwikkeling op een zo verantwoorde en veilig mogelijk manier zal plaatsvinden.
31. Hoe voorkom je het effect van slapende dijken? Is er kans op verdroging van de dijken en wat zijn dan de maatregelen?
Dijken welke geen direct waterkeren en als ophoging in het land liggen zijn voor de watervoorziening aangewezen op de directe neerslag. Bij de opbouw van deze dijken en bij het inzaaien wordt hiermee rekening gehouden door geschikte grondsoort te gebuiken.
Bereikbaarheid, verkeer
32. Wordt de Kerkdijk nog aangepast (verbreed of voorzien van een fietspad) i.v.m. de te verwachten verkeersdrukte als de geul in gebruik is en de oost-west verbindingen (via o.m. de Plakkenweg) niet kunnen worden gebruikt?
Op dit moment is er een actueel verkeerscirculatieplan voor de gemeente. Aangezien de Kerkdijk enige jaren gelden is aangepast zijn er thans geen plannen voor verdere aanpassing van deze weg Of dit als gevolg van de aanleg van de geul noodzakelijk is moet nader worden bekeken.In elk geval zullen wij dit als een punt van zorg aan de gemeente Heerde meegeven.
33. Ik woon dicht langs de Grote Wetering. Graag wat meer info wat ik kan verwachten.
Het tracé is onderwerp van studie. Mogelijk wordt ook een variant uitgewerkt waarbij de waterkering de Grote Wetering gaat volgen. Indien dit laatste het geval wordt, dan zou dat kunnen inhouden dat de westelijke waterkering op relatief korte afstand van uw woning komt te liggen. Op dit moment valt hierover nog niets met zekerheid te zeggen. Uiteraard zullen wij u als bewoner tijdig informeren en waar mogelijk betrekken bij de planvorming en situering van de waterkering.
34. Blijft de huidige wegenstructuur gehandhaafd bij aanleg van de hoogwatergeul? Wegen die nu 'door de geul' lopen, blijven die dan bestaan?
In principe blijft de huidige wegenstructuur binnen het geulgebied gewoon gehandhaafd. Wel bestaat de kans dat wegen op enkele plaatsen moeten worden verlegd als gevolg van de aanleg van de geul. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn op plaatsen waar de dijk moet worden gepasseerd.
35. Waarom maar twee ontsluitingswegen en geen rekening gehouden met de kans op wegafsluiting door onderhoud/calamiteit en daarmee de bereikbaarheid van de dorpen?
De ontsluiting via de Noord en Zuidkant is minimaal gegarandeerd bij hoogwater. De ontsluiting Oost-West door het midden van het gebied (Plakkenweg) bij hoogwater wordt nog nader bekeken. In situatie van laagwater blijft de wegenstructuur gehandhaafd.
Economische aspecten en financieen
36. Kosten: het hele project mag € 146,5 miljoen kosten. Hoe wordt gegarandeerd dat het binnen het budget blijft. Twijfelachtig gezien ervaringen met bijvoorbeeld de Den Haag tramlijn, Betuwelijn…!
Het is absoluut de ambitie van het rijk om binnen het budget te blijven. Dat is ook de opdracht aan de provincie Gelderland. Maar die opdracht is rekbaar: het plan mag duurder zijn, maar dan moet de provincie zorgen voor dekking van het bedrag dat het plan duurder is dan het budget. De provincie zal in dat geval samen met de andere overheden zoeken naar financiele dekking. Zonder die dekking zal een duurder plan niet door het rijk geaccepteerd worden. Kortom: we zijn er zelf bij!
Maar uit uw vraag is ook een zorg af te leiden: kan er binnen het budget uberhaupt wel een goed plan gemaakt worden? Het antwoord daarop weten we nog niet. Mocht die situatie zich voordoen dan zal GS in contact treden met de staatssecretaris om een oplossing te zoeken. Zo staat het ook in de bestuursovereenkomst.
37. Gaat een dure inloopmogelijkheid ten koste van andere ontwikkelingen? Is er een totaalbudget?
Ja, er is een totaalbudget. Daarbinnen staat het ons vrij om een plan te maken zoals de stuurgroep dat goeddunkt. Het plan wordt waarschijnlijk opgebouwd uit componenten / bouwstenen die op verschillende manieren gecombineerd kunnen worden in de verschillende varianten. De keuze voor een variabele instroom- of uitstroomopening heeft uiteraard financiele gevolgen, maar zal desondanks primair gemaakt worden op basis van wat wenselijk is voor een optimale werking van de hoogwatergeul en van wat het beste is voor de regulering van het gewenste grondgebruik in en om de geul.
38. Hoe wordt gezorgd voor aanvullende financiering? Waar, hoe en wie?
In alle gevallen moet GS een plan voor de hoogwatergeul aanbieden dat financiele dekking heeft. Ook moet bekend zijn wie voor die dekking zorgt, op basis van vastgelegde afspraken. Dat kunnen overheden zijn, maar in principe ook private investeerders. Dat hangt af van de aard van het plan.
Voor de gebiedsontwikkeling in brede zin, dus echt buiten de directe invloedsfeer van de hoogwatergeul, ligt het anders. Daarvoor is in de PKB geen budget beschikbaar gesteld. GS zal dus aan moeten geven welke middelen daarvoor beschikbaar gesteld worden en waar die vandaan komen. Ook dat zal eind 2009 bekend moeten zijn als de stuurgroep het advies voor de gebiedsontwikkeling aanbiedt aan GS.
39. Geld voor gebiedsontwikkeling. Waar komt dat vandaan?
Dat weten we nog niet en het is dus ook onze opdracht om dat uit te zoeken. Deels moeten we uitzoeken welke geldbronnen denkbaar zijn, deels zal dat afhangen van de aard van de gebiedsontwikkeling. Voor alle varianten zullen we dat moeten uitwerken.
Landbouw, beheer geul
40. Indruk ontstaat dat er doorlopend naar motieven voor een blauwe geul gezocht wordt.
Bij de geul is een groene invulling leidend en staat landbouwkundig gebruik voorop. Toch moeten we in de verkenningsfase breder kijken. Allereerst om ruimte te bieden aan de uitkomsten van het gebiedsproces. Maar ook om een geul te kunnen ontwerpen die op de lange termijn in meerdere toekomstscenario's kan functioneren, zonder ons nu al op 1 definitieve keuze vast te leggen.
41. Hoe verhouden zich de belangen van natuur en landbouw?
De belangen van de agrarische gebruikers en van de bewoners van de geul worden meegewogen in de Voorbereidingsgroep. De belangen van alle maatschappelijke organisaties in het gebied worden meegewogen in de Klankbordgroep. Daar vindt straks de discussie plaats over de mogelijke en gewenste toekomstige ontwikkeling van het hele gebied tussen Kanaal en IJssel en over het mogelijke en gewenste toekomstige gebruik van de geul.
In de verkenningsfase worden de mogelijkheden voor het gebruik heel breed verkend en uitgewerkt. Pas in de fase van kiezen zal de stuurgroep een gemotiveerde uitspraak doen over welk mogelijke of gewenste vorm(en) van grondgebruik uitgangspunt is/zijn voor de aanleg en inrichting van de geul.
42. Alleen landbouw houden. Geen recreatie om de gemeentekas van Heerde te vullen!
Deze suggestie (alleen landbouw en geen recreatie) wordt meegenomen in het totaal van de planvorming voor het gebied en de hoogwatergeul. Bij de geul is een groene invulling leidend en staat landbouwkundig gebruik voorop.
43. Wordt na 2015 ook rekening (ook financieel) gehouden met beheer van de hectares die in de geul liggen? Wanneer in de geul niets aan onderhoud van struweel en bossen wordt uitgevoerd, dan hebben we aan één hoogwatergeul nog niet genoeg!
De hoogwatergeul zal straks te allen tijden moeten kunnen werken. Zowel bij de aanleg als bij het beheer zal dit uitgangspunt altijd voorop staan. Hoe de geul zal worden ingericht is afhankelijk van de keuze die gemaakt wordt in het Voorkeursalternatief. Afhankelijk van de inrichting zullen boeren, natuurbeschermingsorganisaties, het waterschap of rijkswaterstaat het beheer voeren. Dat weten we nu dus nog niet.
Wat we wel weten is dat de hoogwatergeul straks "buitendijks" gebied (uiterwaard) wordt, terwijl het nu binnendijks ligt. Uiterwaarden zijn onderdeel van het Hoofd (water) systeem en deze Uiterwaarden zijn soms in eigendom/gebruik van particulieren. Ook de bypass Veessen - Wapenveld zal (volgens huidige inzichten) in particulier bezit blijven en door agrariërs gebruikt worden.
Het gebruik en beheer is weliswaar in handen van verschillende partijen, maar het toezicht op dit beheer en de handhaving van de regels is een verantwoordelijkheid van de Rivierbeheerder (Rijkswaterstaat DON). Juist de uitzonderlijke situatie van een bypass welke zelden gebruikt wordt, maakt het noodzakelijk hierover nadere afspraken te maken, al was het alleen maar om de ingebruikname (en de veroorzaking van inundatieschade) nader te regelen.
Bewoners en gebruikers hebben behoefte aan duidelijkheid over de mogelijke / gewenste ruimtelijke ontwikkelingen en dus ook over het beheer, zowel in de overgangsfase als voor de periode nadat de gebieden daadwerkelijk buitendijks (dus uiterwaard) zijn geworden. Op dit moment wordt er op rijksniveau gewerkt aan een kader om die duidelijkheid te kunnen bieden. Dat heeft begrijpelijkerwijs nogal wat voeten in de aarde. Zodra hierover meer duidelijkheid bestaat, zullen wij daarover uiteraard met alle betrokkenen communiceren.
44. Kunnen de dijken door agrariërs worden beheerd, meer concreet door rundvee worden begraasd en levert dit geen problemen op met de veiligheid en stabiliteit van de dijk?
Op de informatieavond van 17 maart hebben we laten zien dat begrazing van de dijken in principe mogelijk is. Als er twijfel bestaat over de effecten van begrazing op de dijk, dan is er altijd de mogelijkheid om de dijken steviger te maken dan strikt noodzakelijk is (overdimensionering).
Landschap, natuur
45. Wat zijn de natuur- en landschappelijke effecten van de aanleg van de geul, bijv. voor flora en fauna, variatie van het landschap en het uitzicht?
Dit is een belangrijke vraag die nog beantwoord moet worden. De echte antwoorden daarop kunnen we pas veel later geven. We werken hierbij ook van grof naar fijn, waarbij we iedere keer weer (deel)antwoorden zullen geven. Een van die stukken die hierbij ondersteunend is, is het Ruimtelijk Kwaliteitskader (RKK). Hierin leggen de bewoners samen met experts vast wat de huidige kwaliteiten (stap 1) zijn, welke het belangrijkste zijn en daarmee sturend (stap 2) en uiteindelijk in de derde stap welke ontwerpprincipes het beste kunnen worden toegepast om de huidige kwaliteiten maximaal te behouden en welke nieuwe kwaliteiten kunnen worden toegevoegd. In juni is dit RKK klaar en hebben we dus criteria voor het samenstellen en scoren (beoordelen van de effecten) van de varianten.
46. Komen er ook natuurgebieden voor het wild?
Het uitgangspunt is een groene geul met een agrarische invulling. Of er natuur kan komen hangt van een aantal zaken af. Ten eerste zijn er wellicht agrariërs die hun bedrijf verbreden met vormen van natuurbeheer. Daarnaast kunnen er ook vanuit de verschillende (andere) partijen (zowel overheden als ondernemers) initiatieven komen die aanleiding geven tot het aanleggen van natuur. Of vanuit het watersysteem er aanleidingen te voorschijn kunnen komen om op enkele plekken natuur in de te verkennen varianten op te nemen.
Planvormings- en besluitvormingsproces
47. Hoe laten jullie inspraak bewoners gelden? Er is een groot wantrouwen onder bevolking. Laat hen niet in de steek!
Bewoners worden gedurende het gehele proces van de planstudie intensief geïnformeerd en intensief betrokken. De aard van de betrokkenheid varieert per fase (verkennen, uitwerken, kiezen, detailleren). In de eerste twee fasen zal het vooral consulterend zijn: welke belangen heeft men, welke kennis van het gebied, welke waarden kent men toe, wat wordt gezien als kansen en wat als bedreiging, welke ambities heeft men? Hierbij wordt veel gebruik gemaakt van beelden: hoe zou het kunnen? Wat wil men niet? Wat wel? In de fase van kiezen gaat het vooral om het uitbrengen van advies over de voorgenomen keuzes vanuit de organisaties die zitting hebben in de klankbordgroep. De klankbordgroepleden kunnen daarbij gebruik maken van contactmomenten met de eigen achterban als dat gewenst is. De projectorganisatie zal dat stimuleren en mogelijk maken.
In de detailleringfase zal weer gebruik gemaakt worden van de gebiedskennis van de bewoners om de gekozen variant gedetailleerd uit te werken in bruikbare en werkende details van het plan. In alle fasen van de planvorming zal de bevolking intensief geïnformeerd worden over de stand van zaken en over de mogelijkheden om mee te denken en mee te doen in de komende periode.
48. Op welke termijn kan duidelijkheid gegeven worden over het ontwerp van de geul? Voor het gebied is duidelijkheid op zo kort mogelijke termijn van belang!
Duidelijkheid over het ontwerp van de geul is niet op korte termijn te geven. Die ontstaat pas bij de vaststelling van het voorkeursalternatief, in de zomer van 2009. Wel kunnen we duidelijkheid geven over het tijdpad van het planproces en dat doen we ook.
49. Stel alles is rond, bevolking, GS zijn akkoord met het plan voor de hoogwatergeul. Hoe groot is dan de kans dat de staatssecretaris de Tweede Kamer adviseert dit niet over te nemen en een alternatief biedt?
Die kans is vrijwel nihil. Als wij in staat zijn een plan te maken dat ieders instemming heeft, dat voldoet aan de eisen én waarvan de financiering is gedekt, dan zal de staatssecretaris dit overnemen. Het is bovendien zo dat de vertegenwoordiger van het rijk in de stuurgroep de rol heeft om tijdig aan de bel te trekken als het rijk het niet eens is met een belangrijke keuze die de stuurgroep wil maken. Met andere woorden: alles is erop gericht om de staatssecretaris “ja” te laten zeggen tegen het plan dat uiteindelijk wordt aangeboden.
Recreatie, wonen
50. Komt er ook (meer) recreatie in het gebied?
Het uitgangspunt is een groene geul met een agrarische invulling. Of er recreatie kan komen hangt van een aantal zaken af. Ten eerste zijn er wellicht agrariërs die hun bedrijf verbreden met vormen van recreatie. Daarnaast kunnen er ook vanuit de verschillende (andere) partijen (zowel overheden als ondernemers) initiatieven komen die ‘economisch perspectiefvol’ zijn en daarmee een positieve bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van het gebied. Het vertrekpunt is dus helder, maar initiatieven kunnen een aanleiding geven om te verkennen of aanvullende recreatie die passend is binnen en versterkend aan de identiteit van het gebied een optie is.
51. Bevatten de plannen ook bestemmingsplannen? Recreatie?
Er zal uiteindelijk, conform de Wet op de ruimtelijke ordening, een nieuw bestemmingsplan gemaakt moeten worden voor het plangebied van de hoogwatergeul. Dit bestemmingsplan is bindend voor alle partijen en legt juridisch de situatie vast die door de uitvoering van het projectontwerp van de hoogwatergeul wordt bereikt. Een van de bestemmingen van het gebied kan, maar hoeft niet, recreatie zijn. Het nieuwe bestemmingsplan volgt na het besluit door de staatssecretaris om het projectontwerp vast te stellen. Dat besluit staat gepland voor eind 2010.
52. Worden de natuurgebieden in de huidige uiterwaarden en de eventuele natuurgebieden in de nieuwe uiterwaarden binnen de geul toegankelijk?
De mate van toegankelijkheid is afhankelijk van het type natuur dat er is / mogelijk gaat komen. De huidige uiterwaarden zijn geen onderdeel van het project, behalve mogelijk bij de in- en uitstroom, wij zijn dus ook niet verantwoordelijk voor/ hebben geen invloed op wat er daarmee gebeurt. Voor de door u genoemde nieuwe uitterwaarden (de geul?) is het ten eerste de vraag of er natuur in gaat komen of niet. Het vertrekpunt /Uitgangspunt is een geul met agrarisch gebruik. Mocht zich het zich voordoen dat er later toch gekozen gaat worden voor (enkele stukken met) natuur dan geldt ook daarvoor dat de mate van toegankelijkheid is afhankelijk van het type natuur dat er gaat komen en de andere functies in het gebied. Op dit moment kunnen we daar geen uitsluitsel over geven.
53. Wat zijn de plannen v.w.b. woningbouw bij de ontwikkeling van het gebied? Wij zijn tegen ontwikkeling van nieuwbouwgebieden?
Voor woningbouw zijn geen concrete plannen die bij de start van het project als ‘opdracht’ zijn meegegeven, zeker niet in termen van nieuwbouwgebieden. Wel is er vanuit het gebied de suggestie gekomen om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn om te bouwen voor eigen jeugd mede ter ondersteuning van de vitaliteit van de huidige kernen. Daarnaast zullen er waarschijnlijk enkele nieuwe woningen / boerderijen gebouwd worden ter compensatie van de woningen / boerderijen die uit de geul geplaatst zullen moeten worden.
Schadevergoedingen
54. Wordt er wel voldoende gekeken naar mogelijke negatieve effecten van aanleg van de geul en wie de kosten hiervan gaat vergoeden?
In het kader van de planstudie voor de hoogwatergeul Veessen-Wapenveld wordt een milieu effectrapportage opgesteld. Hierin worden de effecten weergegeven. De kosten hiervan komen voor rekening van het rijk. Negatieve effecten die tot schade leiden worden gecompenseerd door de veroorzaker. In de loop van 2008 wordt nadere informatie over schades en schaderegelingen verstrekt.
55. Hoe zit het met schadevergoeding ten tijde van aanleg van de hoogwatergeul. Denk aan: omzetverlaging huisverkoop, scheurvorming in woningen en waardevermindering (uitzichtschade) etcetera.
In principe wordt alle schade die een rechtstreeks gevolg is van de aanleg van de geul vergoed. In de loop van 2008 volgt hierover meer informatie in een afzonderlijke brochure over dit onderwerp. Aanleg begint pas wanneer het plan gereed is en de vergunningen zijn verleend. Wanneer tijdens de uitvoering schade ontstaat, wordt die volgens de bestaande wettelijke regels (planschade en nadeelcompensatie) vergoed. Waar werkzaamheden worden verricht en waar voor het functioneren van de hoogwatergeul bebouwing of bedrijven moeten worden verwijderd, worden die aangekocht en zonodig onteigend.
Inundatieschade wordt volledig vergoed aan hen die eigenaar waren toen de PKB in werking trad. Het Rijk is bereid aan te kopen tegen binnendijkse waarde.
56. Wat gebeurt er als er hoogwater geweest is? Wat voor vergoeding krijg je als boer/gebruiker voor de milieuvervuiling?
Inundatieschade wordt volledig vergoed volgens een nog uit te werken regeling.
57. Wie neemt initiatief voor schade-inventarisatie?
Bij de uitvoering van werken ligt de verantwoordelijkheid voor schades en maatregelen ter voorkoming daarvan bij de uitvoerende instantie. Deze uitvoering is thans voorzien in de periode 2011-2015. In het algemeen wordt voorafgaand aan de uitvoering van werken de uitgangssituatie voor de uitvoering van werken vastgelegd voor die situaties dat er risico's op schade aanwezig zijn. In het kader van de ruimtelijke ordening (bestemmings(plan) is schadevergoeding geregeld via de zogenaamde planschaderegeling.
Voor het gebruik van de geul in perioden met hoogwater is een schaderegeling in voorbereiding. Hierover zult u in de loop van 2008 nader geïnformeerd worden.
58. Hoe is de stand van grondwater van invloed op bestaande huizen en gebouwen als er water in de geul staat? Als er scheuren in de huizen komen, waar kun je dan naar toe?
Tot het maken van het uit te voeren plan behoort het zoveel mogelijk voorkomen van alle schade. Dus ook inclusief maatregelen om grondwaterstand afdoende te regelen. Onderdeel van de planuitwerking is het in beeld brengen van de huidige grondwaterpeilen en stromen. Bij de uitwerking van de maatregelen wordt extra aandacht besteed aan het voorkomen van wateroverlast en/of verdroging. Schade ten gevolge van de uitvoering van het plan wordt volledig vergoed op basis van deskundig onafhankelijk advies. Ook aantoonbare schade door het feitelijk gebruik van de hoogwatergeul zal in de toekomst volledig worden vergoed.
Grondaankoop
59. Grondaankoop: Hoe vindt benadering van direct-betrokkenen plaats?
Voor grondverwerving is een Aankoopstrategieplan vastgesteld. Dit plan beschrijft de wijze waarop de vastgoedverwerving plaats gaat vinden.
Direct betrokkenen worden actief benaderd als vanuit de planvorming duidelijk is dat hun eigendommen nodig zijn voor de uitvoering van de maatregel. Op dit moment worden alleen eigenaren die met hun opstallen in het gebied van de hoogwatergeul liggen, benaderd. Onder het gebied van de hoogwatergeul wordt verstaan het in de PKB aangegeven gebied in enge zin, nl gebied binnen de locatie voor de mogelijke maatregel. Deze eigenaren zijn of worden benaderd door een aankoper van Dienst Landelijk Gebied. Deze organisatie handelt in opdracht van de provincie. Zij maken een afspraak voor een orienterend gesprek. Daarna zal de taxatie worden uitgevoerd en zullen de onderhandelingen starten.
60. Grondprijs is op dit moment nog niet de waarde als het voor de MZ was. Dit is wel nodig!
Aankopen ten behoeve van de geul vinden plaats tegen de geldende grondprijs op dat moment.
De gemiddelde grondprijs in het gebied is de afgelopen jaren aanzienlijk gestegen. Van 2004 tot medio 2007 met bijna 40%! De grondprijs ligt thans op een niveau dat zeker vergelijkbaar is met soortgelijke gebieden in Nederland.
61. Verwerving met gebouwen; kunt u iets zeggen over het onderscheid losse grond en aankoop hele bedrijven (grond en gebouwen) en wellicht ook verplaatsing van bedrijven?
Eigenlijk is er geen onderscheid tussen aankoop losse grond of aankoop van gebouwen. Op het moment dat duidelijk is dat het betreffende vastgoed benodigd is voor de maatregel zal de eigenaar actief worden benaderd. Hoeveel grond en bedrijven moeten worden aangekocht is op dit moment nog niet duidelijk. Daarom worden op dit moment alleen de eigenaren binnen het geulgebied benaderd. Op het moment dat de planvorming zover is dat er concrete varianten in beeld zijn en dus ook duidelijk wordt waar de plaats van de dijken is, wordt ook helder om welke gebouwen het dan gaat. Eveneens worden ook de effecten van de maatregel op de landbouw meegenomen. Het kan namelijk zo zijn dat de landbouwstructuur aangepast moet worden en dat als gevolg hiervan aanvullend grond en of gebouwen nodig zijn om dit te kunnen realiseren.
Het Aankoopstrategieplan zal dan ook op bepaalde momenten moeten worden aangepast, wanneer duidelijk wordt wat de (verandering) in de vastgoedopgave is (dus welke percelen en bedrijven benodigd zijn).
Terug