Dijkteruglegging Lent
Om het smalle winterbed van de Waal tussen Nijmegen en Lent te verwijden, wordt de dijk bij Lent met ongeveer 350 meter landinwaarts verlegd. De verlegde dijk krijgt de vorm van een bebouwbare kade. De maatregel resulteert in voldoende waterstanddaling over het gehele traject van Nijmegen tot de Pannerdensche Kop.
Dijkverbetering Amer/ Donge
Daar waar in het benedenrivierengebied rivierverruiming niet mogelijk is, zal aanvullende dijkverbetering nodig zijn. Het gaat om een aantal stukken dijk met een gezamenlijke lengte van ongeveer 15 kilometer langs de Oostwaard, de Bergsche Maas, de Oude Maas en het benedenstroomse deel van de Lek.
Dijkverbetering Bergsche Maas/ Land van Altena
Daar waar in het benedenrivierengebied rivierverruiming niet mogelijk is, zal aanvullende dijkverbetering nodig zijn. Het gaat om een aantal stukken dijk met een gezamenlijke lengte van ongeveer 15 kilometer langs de Oostwaard, de Bergsche Maas, de Oude Maas en het benedenstroomse deel van de Lek.
Dijkverbetering Lek/ Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden
De omvang van de dijkverbeteringen die nodig zijn, is beperkter dan die van de dijkverbeteringen die naar aanleiding van de bijna-overstromingen van 1993 en 1995 zijn uitgevoerd. Het gaat vooral om versterking van de dijk, zoals het uitbreiden van steunbermen en veel minder om dijkverhoging.
Dijkverbetering Lek/ Betuwe/ Tieler- en Culemborgerwaard
De omvang van de dijkverbeteringen die nodig zijn, is beperkter dan die van de dijkverbeteringen die naar aanleiding van de bijna-overstromingen van 1993 en 1995 zijn uitgevoerd. Het gaat vooral om versterking van de dijk, zoals het uitbreiden van steunbermen en veel minder om dijkverhoging.
Dijkverbetering Lek/ Lopiker- en Krimpenerwaard
De omvang van de dijkverbeteringen die nodig zijn, is beperkter dan die van de dijkverbeteringen die naar aanleiding van de bijna-overstromingen van 1993 en 1995 zijn uitgevoerd. Het gaat vooral om versterking van de dijk, zoals het uitbreiden van steunbermen en veel minder om dijkverhoging.
Dijkverbetering Neder-Rijn/ Arnhemse- en Velpsebroek
De Dijkverbetering Arnhemse- en Velperbroek betreft een verhoging van de dijk. De bestaande waterkerende constructie (stalen damwand met steen- en betonbekleding) zal aan de hogere waterstanden worden aangepast, waarbij het ruimtebeslag vrijwel ongewijzigd blijft.
Dijkverbetering Neder-Rijn/ Betuwe/ Tieler- en Culemborgerwaard
De omvang van de dijkverbeteringen die nodig zijn, is beperkter dan die van de dijkverbeteringen die naar aanleiding van de bijna-overstromingen van 1993 en 1995 zijn uitgevoerd. Het gaat vooral om versterking van de dijk, zoals het uitbreiden van steunbermen en veel minder om dijkverhoging.
Dijkverbetering Neder-Rijn/ Geldersche Vallei
De omvang van de dijkverbeteringen die nodig zijn, is beperkter dan die van de dijkverbeteringen die naar aanleiding van de bijna-overstromingen van 1993 en 1995 zijn uitgevoerd. Het gaat vooral om versterking van de dijk, zoals het uitbreiden van steunbermen en veel minder om dijkverhoging.
Dijkverbetering Oude Maas/ Hoeksche Waard
Daar waar in het benedenrivierengebied rivierverruiming niet mogelijk is, zal aanvullende dijkverbetering nodig zijn. Het gaat om een aantal stukken dijk met een gezamenlijke lengte van ongeveer 15 kilometer langs de Oostwaard, de Bergsche Maas, de Oude Maas en het benedenstroomse deel van de Lek.
Dijkverbetering Oude Maas/ Voorne Putten
Daar waar in het benedenrivierengebied rivierverruiming niet mogelijk is, zal aanvullende dijkverbetering nodig zijn. Het gaat om een aantal stukken dijk met een gezamenlijke lengte van ongeveer 15 kilometer langs de Oostwaard, de Bergsche Maas, de Oude Maas en het benedenstroomse deel van de Lek.
Dijkverbetering Steurgat/ Land van Altena
Daar waar in het benedenrivierengebied rivierverruiming niet mogelijk is, zal aanvullende dijkverbetering nodig zijn. Het gaat om een aantal stukken dijk met een gezamenlijke lengte van ongeveer 15 kilometer langs de Oostwaard, de Bergsche Maas, de Oude Maas en het benedenstroomse deel van de Lek.
Dijkverlegging Cortenoever
Bij de maatregel Cortenoever wordt de huidige bandijk (primaire waterkering) met ongeveer een kilometer landinwaarts verlegd. Een deel van de oude dijk blijft bestaan, maar bij de in- en uitstroomopening wordt de dijk verlaagd tot maaiveldniveau.
Dijkverlegging Hondsbroeksche Pleij
De maatregel Hondsbroeksche Pleij speelt een sleutelrol bij de verdeling van het rivierwater over Neder-Rijn en IJssel. Een nieuwe dijk die verder landinwaarts ligt, neemt de functie van de huidige primaire waterkering over. Tussen de huidige en de nieuwe dijk komt een hoogwatergeul met een regelwerk bij de opening aan de zuidzijde.
Dijkverlegging Voorsterklei
Bij de maatregel Voorsterklei wordt de huidige bandijk (primaire waterkering) met ongeveer een kilometer landinwaarts verlegd. Een deel van de oude dijk blijft behouden, maar bij de in- en uitstroomopening wordt de dijk verlaagd tot maaiveldniveau.
Dijkverlegging Westenholte
Ten westen van Zwolle draagt de Dijkverlegging Westenholte bij aan de benodigde waterstanddaling op het IJsseltraject Zwolle IJsseldelta. De dijkverlegging Westenholte omvat het landinwaarts leggen van de dijk aan de rechteroever van de IJssel met ongeveer halve kilometer. In het nieuwe buitendijkse gebied is een geul voorzien.
Extra uiterwaardvergraving Millingerwaard
Voor een juiste verdeling van het rivierwater over Waal en Pannerdensch Kanaal is in de Millingerwaard naast de uitvoering van een al lopend project (een uiterwaardvergraving) een extra maatregel nodig. Door de uiterwaard extra te vergraven, kan de benodigde waterstanddaling worden bereikt.
Gendtse Waard
Het verlagen van de Suikerdam en delen van de polderkade in de Gendtsche polder is nodig voor een juiste verdeling van het rivierwater over het Pannerdensch Kanaal en de Waal. De waterstanddaling die met de maatregel wordt bereikt, leidt ertoe dat er meer water vanaf de Pannerdensche Kop naar de Waal stroomt.
Hoogwatergeul Veessen-Wapenveld
Het instroompunt van de Hoogwatergeul Veessen-Wapenveld ligt ten zuidwesten van Veessen, terwijl het uitstroompunt zich bij de Hoenwaard bevindt. Er worden dijken aangelegd om het water van zuid naar noord te geleiden en om het binnendijkse gebied te beschermen. De overstromingsfrequentie van de hoogwatergeul zal beperkt zijn.
Kadeverlaging Biesbosch
Door de ontpoldering van de Noordwaard is er lokaal (ter hoogte van Geertruidenberg) op de Amer en de Bergsche Maas sprake van opstuwing van water. De maatregel Kadeverlaging Biesbosch compenseert deze opstuwing gedeeltelijk en omvat het verlagen van de dijk (kade) rond de Allardspolder.
Kribverlaging Beneden-Waal
Op de Waal worden op het traject tussen Nijmegen en Gorinchem de kribben aan beide zijden van de rivier met gemiddeld een meter verlaagd. Door het verlagen van de kribben zal het water gemakkelijker zijn weg vinden, terwijl de vaargeul behouden blijft.
Kribverlaging Midden-Waal
Op de Waal worden op het traject tussen Nijmegen en Gorinchem de kribben aan beide zijden van de rivier met gemiddeld een meter verlaagd. Door het verlagen van de kribben zal het water gemakkelijker zijn weg vinden, terwijl de vaargeul behouden blijft.
Kribverlaging Waal Fort Sint Andries
Op de Waal worden op het traject tussen Nijmegen en Gorinchem de kribben aan beide zijden van de rivier met gemiddeld een meter verlaagd. Door het verlagen van de kribben zal het water gemakkelijker zijn weg vinden, terwijl de vaargeul behouden blijft.
Kribverlaging Waalbochten
Het verlagen van de kribben op het traject van de Pannerdensche Kop tot Nijmegen (Waalbochten) is nodig voor een juiste verdeling van het rivierwater over de Waal en het Pannerdensch Kanaal: de waterstanddaling die met de maatregel wordt bereikt, leidt ertoe dat er meer water vanaf de Pannerdensche Kop naar de Waal stroomt.
Munnikenland
De Brakelse Benedenwaarden liggen tussen Brakel en slot Loevestein. Het westelijk deel van de huidige dijk bij de Buitenpolder Het Munnikenland wordt teruggelegd in de richting van de oude bandijk. Parallel aan de nieuwe dijk is vanaf de Waal naar de afgedamde Maas een nevengeul voorzien.
Ontpoldering Noordwaard
De ontpoldering van de Noordwaard omvat het gedeeltelijk afgraven van de dijken om in- en uitstroomopeningen te creren. Het rivierwater wordt bij hoge waterstanden van de Nieuwe Merwede afgeleid richting Hollandsch Diep. Sommige delen van de Noordwaard zullen enkele keren per jaar onder water staan. In andere delen gebeurt dit veel minder vaak.
Ontpoldering Overdiepse Polder
De ontpoldering van de Overdiepse Polder omvat het verleggen van de primaire waterkering naar de zuidzijde van de polder. Tegen deze waterkering zullen ook de toekomstige woningen en opstallen op terpen komen te staan. De huidige dijk wordt gedeeltelijk afgegraven, waardoor gemiddeld eens in de 25 jaar water in de polder kan meestromen.
Rivierverruimig Doorwerthsche Waarden
Ter hoogte van Doorwerth op de noordoever van de Neder-Rijn tegenover Driel wordt ruimte voor de rivier gecreerd door een uiterwaardvergraving in de Doorwerthsche Waarden. Deze maatregel omvat het verwijderen van zomerkades waardoor de natuurlijke verlaging in de uiterwaard vrij komt te liggen en beschikbaar komt voor extra afvoer van water.
Rivierverruiming De Tollewaard
De Uiterwaardvergraving De Tollewaard is een van de maatregelen die bijdraagt aan het wegwerken van de lokale opstuwing ter hoogte van de brug bij Rhenen. In de uiterwaard is een nevengeul voorzien die aansluit op de Neder-Rijn. Ten behoeve van de aansluiting op de rivier is het nodig kades te verlagen en/of te verwijderen.
Rivierverruiming Elst
Het hoogwatervrije terrein van de voormalige Machinistenschool aan de rand van Elst in de Elster Buitenwaarden, vormt bij extreem hoogwater een knelpunt voor de afvoer van het rivierwater. Door het middendeel van het terrein af te graven, kan het water bij hoge waterstanden doorstromen van de Elster Buitenwaarden naar de Amerongse Bovenpolder.
Rivierverruiming Middelwaard
Bij de brug bij Rhenen bevindt zich een flessenhals in de Neder-Rijn. De Uiterwaardvergraving Middelwaard draagt bij aan het wegwerken van deze lokale opstuwing. De maatregel omvat de aanleg van een nevengeul ten oosten van de brug waarmee de provinciale weg Ochten Veenendaal de rivier kruist.
Uiterwaardvergraving Bedrijventerrein Avelingen
De Uiterwaardvergraving Bedrijventerrein Avelingen bij Gorinchem voorziet in het graven van een geul door de voorlanden (grasland) ten zuiden van het bedrijventerrein en het verwijderen van zes pijlers van een oude noodbrug.
Uiterwaardvergraving Bolwerksplas, Worp en Ossenwaard
De Uiterwaardvergraving Bolwerksplas, Worp en Ossenwaard omvat het graven van een geul die even bovenstrooms van de Bolwerksplas begint. De geul loopt voor het IJsselhotel langs in de richting van de Ossenwaard naar de IJssel. In het gebied vindt, met uitzondering van de aanleg van de geul, geen verdere vergraving plaats.
Uiterwaardvergraving Huissensche Waarden
De Uiterwaardvergraving Huissensche Waarden omvat het verleggen van de huidige zomerkade in westelijke richting en de aanleg van een grote plas in combinatie met zandwinning. Verder worden verschillende zomerkades verlaagd en/of doorlatend gemaakt en vindt in een deel van het gebied uiterwaardverlaging plaats.
Uiterwaardvergraving Keizers- en Stobbenwaarden en Olsterwaarden
De Keizers- en Stobbenwaarden en Olsterwaarden vormen een aaneengesloten uiterwaardengebied net ten noorden van Deventer. De maatregel omvat de aanleg van een ongeveer 100 meter brede geul over de gehele lengte van de uiterwaard en het verwijderen van dwarskades.
Uiterwaardvergraving Meinerswijk
Ter plaatse van Meinerswijk bij Arnhem is voor een correcte verdeling van het rivierwater over Neder-Rijn en IJssel bij het splitsingspunt IJsselkop een geringe uiterwaardvergraving nodig. Deze vergraving zorgt ervoor dat er vanaf de IJsselkop meer water naar de Neder-Rijn stroomt.
Uiterwaardvergraving Scheller en Oldeneler Buitenwaarden
Een van de maatregelen die bijdraagt aan het bereiken van de benodigde waterstanddaling op het IJsseltraject Zwolle IJsseldelta, is de vergraving in de Scheller en Oldeneler Buitenwaarden. Het plan voorziet in de aanleg van een geul, het minder diep maken van de zuidelijk gelegen plas en het afgraven van de kade langs de plas.
Vianen-Hagestein
De Lek heeft ter hoogte van Vianen weinig ruimte voor het afvoeren van grote hoeveelheden rivierwater. Daarom zijn ingrepen voorzien in de Honswijkerwaarden, aan en op het stuweiland Hagestein, in de Hagesteinse Uiterwaard en de Heerenwaard. Een van die ingrepen is het verwijderen van een deel van de zomerkade in de Hagesteinse Uiterwaard.
Waterberging Volkerak-Zoommeer
Als er grote hoeveelheden rivierwater uit Rijn en Maas naar het benedenrivierengebied stromen terwijl de stormvloedkeringen dicht zijn vanwege hoge zeestanden, dan kan het rivierwater niet in zee worden geloosd. Daardoor stijgt het waterpeil in het Haringvliet en Hollandsch Diep. Rijkswaterstaat onderzoekt nu wat er nodig is om in een dergelijke uitzonderlijke situatie het Volkerak-Zoommeer te gebruiken voor tijdelijke waterberging.
Zomerbedverlaging Beneden-IJssel
Om op het meest benedenstroomse deel van de IJssel (tussen Zwolle en Kampen) voldoende waterstanddaling te bereiken, is (vooralsnog) gekozen voor het verdiepen van het zomerbed van de rivier.
Zuiderklip
Het project Zuiderklip omvat de aanleg van een geul door de Zuiderklip die in verbinding staat met het buitenwater. Daartoe worden in de dijk op twee locaties doorstroomopeningen gegraven van meer dan honderd meter breed. Bij hoogwater kan het water uit de overvolle rivieren zich via de geul een weg zoeken naar de Biesbosch.

Terug