 |
Het verleggen van dijken |
 |
Bij een dijkverlegging krijgt de rivier meer ruimte door het landinwaarts verleggen van de waterkering (dijk). Dit betekent dat oorspronkelijk binnendijks land buitendijks komt te liggen en extra ruimte aan het winterbed van de rivier wordt toegevoegd. De rivier kan hierdoor bij hoogwater meer water afvoeren zonder dat de waterstand stijgt.
Het verleggen van dijken is vooral effectief bij echte vernauwingen in het winterbed die opstuwing veroorzaken tot ver bovenstrooms. De waterstandverlaging werkt bij het verruimen van de vernauwing ook ver bovenstrooms door.